nummer van 06/01/2015 door

‘P.F. Sloan’ van Jimmy Webb

Muzikale mythe tegen wil en dank

Jimmy Webb "P.F. Sloan" studio version

I have been seeking P.F. Sloan
But no one knows where he has gone
No one ever heard the song
That good old boy sent winging

Het eerste couplet van Jimmy Webb’s nummer ‘P.F. Sloan’ uit 1970 klinkt als het begin van een bijzonder verhaal. Een fictief personage uit legendes, die geen voornaam nodig heeft maar met slechts twee voorletters al tot de verbeelding spreekt. Als je het nummer verder beluistert ontdek je al snel waarom; P.F. Sloan schreef blijkbaar de liedjes die we allemaal zingen, zonder dat we weten dat ze van hem zijn. Een mooi verhaal inderdaad, dat echter allesbehalve verzonnen was.

Dat was in 1970 alleen nog niet bekend. Jimmy Webb was in die tijd naast uitvoerend muzikant namelijk vooral een schrijver voor anderen. Zo waren hits als ‘By The Time I Get To Phoenix’ van Johnny Rivers, ‘Galveston’ van Glen Campbell en ‘All I Know’ van Art Garfunkel creaties van Webb. Een kunst die hij voor een belangrijk deel had geleerd van P.F. Sloan, maar wiens bestaan hij ten tijde dat het nummer met die titel uitkwam compleet ontkende.

De verstopte hitmachine

In de interviews waarin naar de hoofdpersoon werd gevraagd vertelde Webb dat het een verzonnen karakter was, wiens zware bestaan als miskende creatieveling gelijkenissen vertoonde met het leven van Webb zelf. Een aannemelijk verhaal en eenvoudig toegankelijke bronnen zoals op internet om dat te dubbelchecken waren er nog niet. Was dat wel het geval geweest, dan was de journalist in kwestie al snel een indrukwekkende rij hits tegengekomen waar de naam P.F. Sloan bij stond, met bijvoorbeeld:

P.F. SloanBarry McGuire – ‘Eve Of Destruction
Johnny Rivers – ‘Secret Agent Man
The Mamas & The Papas – ‘California Dreamin’
Jan & Dean – ‘I Found A Girl
Herman’s Hermits – ‘A Must To Avoid

Het zijn slechts een paar van de nummers waar hij in de tweede helft van de jaren zestig aan meewerkte als schrijver, sessiemuzikant en producer. Een productieve periode, die eigenlijk al begon nadat hij op zijn twaalfde in een muziekwinkel eens gitaarles had gekregen van Elvis Presley.

Dromen van het artiestenbestaan

P.F. Sloan, overigens geboren als Philip Gary Schlein, versierde vervolgens op zijn zestiende al een baantje als songwriter bij Screen Gems, op dat moment een van de grootse muziekuitgevers van de Amerikaanse westkust. Zo belandde hij eerst in de begeleidingsband van Jan & Dean, schreef wat tunes voor televisie en verhuisde vervolgens met zijn manager mee naar diens nieuwe platenlabel Dunhill Records. Sloan hoopte eigenlijk vooral zelf eens als artiest in de spotlight te kunnen staan.

Barry McGuire - Eve Of DestructionDat lukte aanvankelijk ook toen hij met zijn band The Grass Roots voor het eerst de hitlijsten haalde. Toch had het platenlabel andere plannen en schoof een ander bandje, The 13th Floor, naar voren om het materiaal te gaan spelen. Sloan gaf echter niet op en werkte hard door. Al snel leverde hem dat een nieuwe hit op in de vorm van ‘Eve Of Destruction’ waar Barry McGuire een hit mee scoorde. Het was 1965, Sloan woonde nog bij zijn ouders en zag dankzij deze succesplaat eindelijk zijn kans om door te gaan breken.

De wurggreep van het platenlabel

Het platenlabel bleef hem echter liever zien in zijn rol als onderbetaalde songschrijver/producer en vertikte het om zijn werk uit te brengen. P.F. Sloan hing met Jim Morrisson, Bob Dylan vroeg hem regelmatig om advies en niemand minder dan The Beatles hadden hun eerste Amerikaanse platendeal zelfs voor een deel aan hem te danken.[1] En toch kreeg hij het niet voor elkaar om z’n talent aan te wenden voor een succesvolle carrière als artiest.

Zijn label had hem in een wurggreep waaruit geen ontsnappen mogelijk was. In 1967 zag Sloan geen andere mogelijkheid dan in zijn auto te stappen en naar de andere kant van het land te rijden. Niemand vroeg zich af waar hij was en dat misschien wel altijd zo gebleven als Jimmy Webb geen nummer naar hem had vernoemd.

Een verdiende ode

Als onzekere muzikant was Webb namelijk een paar jaar eerder P.F. Sloan tegengekomen, die op hem had ingepraat en vertrouwen had gegeven. Dankzij die bemoedigende woorden rolde Webb uiteindelijk in het songschrijversvak. Dat deed hij met meer succes dan Sloan, want in tegenstelling tot zijn mentor mocht Webb namelijk wel zelf platen uitbrengen. Het aura van de getalenteerde muzikant die niemand wilde horen, dat hij Sloan zag omringen, bleef hem echter inspireren en leidde uiteindelijk tot een letterlijke ode in de vorm van het nummer ‘P.F. Sloan’.

Waarom Webb aanvankelijk zijn connectie met en zelfs het bestaan van Sloan ontkende, is nooit echt duidelijk geworden. Volgens de geruchten ligt er een ruzie aan ten grondslag, maar zowel Sloan als Webb blijven er interviews vaag over. P.F. Sloan is ondertussen al weer een tijdje terecht. Na zijn ‘verdwijning’ in 1970 heeft hij zowel met lichamelijk als geestelijke aandoeningen te maken gehad, maar na een paar onopvallende probeersels begaf hij zich in 2006 met behulp van onder meer Lucinda Williams en Frank Black op het muzikale pad. Met die laatste deed hij zelfs zijn grootste hit nog eens over.

Eve of Destruction 2006 – P.F. Sloan & Frank Black – Sailover

  1. [1] Een van zijn meerderen gooide eens een opgestuurde demo van The Beatles in de prullenbak nadat Sloan hem voorstelde het eens te luisteren. Toen Sloan vervolgens vroeg of hij met de nummers aan de gang mocht en daar een weeksalaris voor bood, krabde de baas zich eens achter de oren en nam alsnog zelf contact op met Brian Epstein.

Tags: , , , , , , , , , , , , , , , ,

Leave a Reply

-->