New Radicals – You Get What You Give

Found Star: New Radicals’ Gregg Alexander Grants First Interview in 15 Years (Exclusive). Als je hart vorige week bij het lezen van deze kop een sprongetje maakte, hoor je bij de mensen die in 1998 verliefd waren op het New Radicals-liedje ‘You Get What You Give’. Maar het kan goed dat je dat liedje en de bijbehorende frontman allang vergeten was; leadzanger Gregg Alexander verdween kort na het succes van de band namelijk volledig uit de schijnwerpers. In het interview met The Hollywood Reporter vertelt hij openhartig waarom hij vijftien jaar geleden afstand nam van roem en wat hem nu weer motiveert naar buiten te treden. Voor iedereen die weet hoe goed het voelt om de zin “1, 2, 1, 2, 3, AOU!” te zingen, was dit een gaaf moment.

De context: Gregg Alexander is een jongen die het op talent, lef en geluk ver schopte in de muziekindustrie. Hij groeide op in een familie waar muziek belangrijk was, maar niet om je brood mee te verdienen. Alexander, een rebelse tiener, was bereid het tegendeel te bewijzen. Hij verhuisde op zijn 16e van Detroit naar L.A. om rockster te worden en slaagde erin tot drie keer toe platencontracten te tekenen bij grote labels. Bij de derde plaat Maybe You’ve Been Brainwashed Too (1998) was het raak. ‘You Get What You Give’ werd een teenage anthem, geprezen door het publiek en medemuzikanten. Joni Mitchell zei bij het horen van het nummer voor het eerst in lange tijd weer greatness gehoord te hebben. Alexander had kunnen profiteren van zijn succes, maar de industrie en geldmachines waar hij automatisch mee te maken kreeg, strookten niet met zijn idealen en dwongen hem vroegtijdig te stoppen met de band.

De teleurstelling was er al voor ‘You Get What You Give’: Alexander voegde in de bridge van het liedje, pal naast de maatschappijkritische teksten, een aantal neproddels toe over Beck, Hanson, Courtney Love en Marilyn Manson om te testen waar de media zich op zou focussen. Journalisten raakten niet uitgepraat over de ruzies waar Alexander zogenaamd in verwikkeld was – hij had zijn antwoord. De grote promotiemachine en toernee voor de derde New Radicals-plaat moest toen nog beginnen. Een paar dagen nadat de release van de tweede single ‘Someday We’ll Know’ werd aangekondigd, verscheen een persbericht van Alexander met het nieuws dat New Radicals stopte.

Als het alleen aan de muziek en het contact met de fans had gelegen, had Alexander nog jaren door kunnen gaan. Zijn baan als muzikant vereiste echter ook een hoop oppervlakkig gezichtsvertoon waarvoor hij zijn enthousiasme op een gegeven moment niet eens meer kon veinzen. Zijn karakteristieke hoedje schoof steeds verder voor zijn ogen om het verdriet te verbergen. In het interview met The Hollywood Reporter worden Alexanders idealistische standpunten kraakhelder als hij ontroerd raakt bij de vraag wat op jonge leeftijd zijn visie was op zijn carrière. Terwijl hij tranen wegveegt, geeft hij toe destijds simpelweg gedacht te hebben dat liedjes echte helende krachten konden hebben. De tranen zijn waarschijnlijk meer voor zijn jonge dan zijn huidige zelf, maar de emoties leven nog.

Alexander verdween naar de achtergrond, maar bleef er wel actief met muziek op een manier die beter bij hem paste. Onder verschillende pseudoniemen schreef hij liedjes voor een nogal commerciële categorie popartiesten. Ergens verbaast het niet; Alexander had duidelijk het talent muziek te schrijven die je na een eerste luisterbeurt niet meer kon of wilde vergeten. Dat talent bezat hij toen het hem tot drie keer toe lukte een platencontract te krijgen, en hij bezat het zeker toen hij ‘You Get What You Give’ schreef.

Ik was tien toen ‘You Get What You Give’ voor het eerst op MTV gespeeld werd en ik was meteen verkocht. Er klonk zoveel hoop, euforie en energie in die paar minuten poppy 90s rock. Alexander was met zijn wankele stem en slungelige lijf totaal onbedreigend als rockster en vocht zo oprecht voor positiviteit dat je vlinders in je buik voelde. Hij kon niet dansen maar deed toch een Michael Jackson-pirouetje, kon niet echt goed zingen maar het kwam wel uit zijn tenen. De intro was op zichzelf al een meesterwerkje en de piano-akkoorden en gitaren die daarna losbarstten gingen op een perfecte manier verder. “Don’t let go, you’ve got the music in you.” Soms denk ik dat het allemaal bij de leeftijd hoorde, maar iedere keer dat ik naar ‘You Get What You Give’ luister, is er voor mij eigenlijk helemaal niks veranderd. 1, 2, 1, 2, 3, AOUUU!

Tags: , , , , , , , , ,

-->