nummer van 18/09/2014 door

‘Faster’ van George Harrison

Je leven wagen om als eerste te zijn

George Harrison – Faster

Een van de meest bepalende geluiden uit mijn jeugd, is dat van kortstondige hoge en snerpende schreeuwen als weer zo’n Formule 1-auto of een racemotor door het beeld schiet. Mijn vader is een liefhebber van de koningsklassen in de auto- en motorsport en op zaterdagen en zondagen schalt al zolang als ik me kan herinneren dat typische racegeluid door het huis. Soms ’s middags, vaak ook al in alle vroegte als de race ergens in het oosten van de wereld begint. Hij kijkt de wedstrijden live. Vroeger had hij dan ook een rood Ferrari-petje op.

Omdat hij liefhebber was (en nog steeds is), ben ik in mijn leven een dikke tien keer naar de TT in Assen geweest en één keer naar de Formule 1 in Zandvoort (toen die daar nog reed).

TT

Vooral aan de TT’s bewaar ik mooie herinneringen. Als klein ventje van een jaar of tien, kreeg ik altijd zwart-witfoto’s van bekende rijders als ik daar om zeurde bij de marshalls die de baan bewaakten. We liepen meestal op vrijdag (trainingsdag) een keer het hele circuit rond (zo’n 6 kilometer) en aten dan ergens een hamburger. Als het regende zaten we met tientallen anderen (vaak jonge gasten met een ontzettende kater en heel veel smerige praatjes) onder een groot stuk doorzichtig plastic. We maakten een gaatje om fatsoenlijk te kunnen zien en ademen. Onze favoriete plek was de Bult, van waar we een heel groot deel van het circuit konden zien.

Ook was ik erbij toen Hans Spaan in 1989 op de 125cc de race won na een bloedstollende laatste ronde. Totale gekte. Volgens mij rende mijn vader samen met duizenden anderen de baan op om Spaan persoonlijk te feliciteren. Nog gekker trouwens: in 1988 was de TT op dezelfde dag als de EK-finale van Nederland tegen de Sovjetunie. Ik was 9 en volgde op het circuit de wedstrijd via de luidsprekers langs de baan. De omroeper hield ons op de hoogte.

spaan

Hans Spaan wint de TT van Assen in 1989.

F1

Aan die ene keer dat we naar de Formule 1 in Zandvoort gingen, heb ik minder herinneringen. Zelfs het jaar ontgaat me, ’84 of ‘85 denk ik. Omdat ik het niet jaarlijks met eigen ogen zag, had ik iets minder met de Formule 1 dan met de motorrace (en dan voornamelijk de 500cc, tegenwoordig MotoGP). Maar als ik de namen van wereldkampioenen lees op Wikipedia, dan zijn de jaren 80 en 90 een groot feest van herkenning.

Een van mijn favoriete coureurs was uiteraard Ayrton Senna. Een uitgesproken coureur die niet te beroerd was om tijdens persconferenties andere coureurs voor lafaard uit te maken. Maar ook ontzettend betrokken bij het wel en wee van zijn collega’s.

Dat bleek tijdens het tragische weekend in 1994 toen Senna verongelukte op het circuit van Imola. Dat is alweer twintig jaar geleden. Hij was toen net zo oud als ik nu ben. Het was sowieso een rampweekend. De Oostenrijker Ratzenberger overleed een dag eerder na een ongeluk tijdens de training. Op vrijdag freakte Senna helemaal toen zijn goede vriend Rubens Barrichello een zwaar ongeluk kreeg tijdens de training. Hij stopte met rijden en ging naar het medisch centrum om te kijken bij Barrichello, net zolang tot hij zeker wist dat die niet dood was. Daarna racete hij gewoon weer verder. Totdat hij twee dagen later op zondag zelf het leven liet tijdens de race.

Lauda (midden) en Senna (rechts). Twee van de bekendste Formule 1-coureurs ooit.

Lauda (midden) en Senna (rechts). Twee van de bekendste Formule 1-coureurs ooit.

Knettergek

Meedoen in de hoogste regionen van auto- en motorsport is alleen weggelegd voor mensen die in een vrije val uit een vliegtuig, zonder parachute, nog steeds na zouden denken over hoe ze het snelst beneden kunnen komen. Aan de andere kant zijn het gewoon die jongetjes die vroeger met hun buurjongetjes deden wie het snelste kon fietsen. Maar elke week weer je leven wagen om als eerste over de streep te komen ergens, betekent toch dat je een bepaalde gekte bezit.

Niki Lauda zei dat mooi in de schitterende film Rush (2013), die over zijn rivaliteit met de Engelse coureur James Hunt is gemaakt: ‘Je hebt niet iemand nodig die constant in de punten rijdt. Je hebt iemand nodig die zich met auto en al in het kleinst mogelijk gaatje durft te gooien als het erop aankomt. Dat wordt een wereldkampioen.’ Het kostte hem zijn halve gezicht, toen hij in 1976 op de Nürburgring als een hondsdolle wolf de leider van de race achtervolgde en verongelukte. Zijn wagen vloog in brand en zijn gezicht raakte grotendeels verminkt. Zes weken later klom hij weer in de auto. Lauda is ook wel een held van me eigenlijk.

Sneller

De Formule 1 (in dit geval) levert ook mooie muziek op. Beatles-gitarist George Harrison bracht in 1979 een hommage uit aan de autosport. Harrison ontdekte de sport in 1977 en spendeerde meer tijd op het circuit dan in de studio. Na een geanimeerd gesprek met Niki Lauda, besloot Harrison om ‘Faster’ te schrijven. Hoewel het er in de tekst niet heel dik bovenop ligt, is het wel degelijk een ode aan de Formule 1. Hij wilde een liedje maken waarvan Niki Lauda kon genieten. Of dat is gelukt weet ik niet. Ik hoop het, want het is een schitterend nummer.

Tags: , , , , , ,

Leave a Reply

-->