The Staple Singers – (Sittin' On) The Dock Of The Bay

Toen Bill Withers begin jaren 70 in de studio zat om het liedje op te nemen dat de hele wereld inmiddels kent als ‘Ain’t No Sunshine’, was hij slecht voorbereid. Waarschijnlijk klinkt het nummer daarom zo casual, zo makkelijk en derhalve zo puur en direct. Maar slecht voorbereid was hij. Het is een bekende soulanekdote dat het legendarische “I know I know I know I know I know I know I know I know I know I know I know I know”-couplet helemaal niet zo nihilistisch bedoeld was en alleen maar de opname haalde omdat Withers beloofde zijn tekst nog af te maken. Bassist Donald “Duck” Dunn overtuigde hem echter om het spontaan gezongen stuk erin te laten. Het zou later gezien worden als één van de beste hooks uit ‘Ain’t No Sunshine’, die hij ook bij live-uitvoeringen nooit meer heeft verruild voor het couplet dat hij eigenlijk voor ogen had.

Bill Withers – Ain't No Sunshine

The Rolling Stones

Dit soort beslissingen fascineren. Grote artiesten hebben een visie, hebben vaak precies in hun hoofd wat ze willen en kunnen stronteigenwijs reageren wanneer anderen hen hiervan af willen praten. Withers had die visie, hij had alleen nog geen tijd gevonden hem uit te voeren. Precies hetzelfde gebeurde toen The Rolling Stones in 1965 de studio betraden voor ‘(I Can’t Get No) Satisfaction’. Voor de iconische openingsriff koos Keith Richards een overstuurd gitaargeluid dat zo dicht mogelijk bij een snerpende saxofoon kwam. De opname was bedoeld als niets meer dan een demo, een ruwe schets voor een versie met een groots geluid en een uitgebreide blazerssectie. Ook Richards liet zich van zijn visie afpraten; zijn ruwe schets klonk volgens producer en platenmaatschappij goed genoeg voor een single. ‘(I Can’t Get No) Satisfaction’ werd de grote doorbraak van The Rolling Stones.

Otis Redding

Soms wordt de visie van een artiest via een omweg alsnog werkelijkheid. Bij genoeg succes komen vanzelf de financiële middelen voor een luxe heropname of een uniek liveconcert waarbij de beperkingen uit de begintijd volledig gecompenseerd kunnen worden. En als dat er niet van komt, is er meestal nog een welwillende collega te vinden die met de juiste cover precies het oorspronkelijke idee van de artiest weet uit te voeren. Deze welwillende collega vonden The Rolling Stones in Otis Redding, die met zijn versie van ‘Satisfaction’ een hommage wilde brengen aan de blanke jongens uit Engeland die zoveel hadden betekend voor de populariteit van zwarte Amerikaanse muziek bij het grote publiek. Om een goede blazerssectie had de zanger nooit verlegen gezeten. En dus bracht hij met zijn cover een kleine reparatie aan in het lot van ‘Satisfaction’. Alsof Richards zich nooit had laten ompraten. Nog maar twee maanden nadat The Rolling Stones hun versie hadden uitgebracht kwam Redding met een bezeten soulstamper waar Stones-zanger Mick Jagger indertijd jaloers op moet zijn geweest.

Rolling Stones: "Satisfaction!"

Otis Redding – (I Can't Get No) Satisfaction

The Staple Singers

Drie jaar later was het juist Otis Redding die een welwillende collega nodig had om zijn nooit uitgevoerde visie tot werkelijkheid te maken. Even onvoorbereid als Bill Withers was hij al zingend bij het derde couplet van ‘(Sittin’ On) The Dock Of The Bay’ beland, toen hij besefte dat zijn tekst nog niet compleet was. De melodie die hij vervolgens begon te fluiten werd – we weten het inmiddels – het meest memorabele stuk uit het nummer en uiteindelijk zelfs het bekendste gefloten stuk uit een liedje ooit. Steve Cropper was de man die hem overtuigde om het vooral zo te laten en geen derde couplet te verzinnen. Otis gehoorzaamde.

Toen The Staple Singers zich na Otis’ dood waagden aan een ode aan hun goede vriend, besloten ze het derde couplet te repareren. Het fluitstuk werd vervangen door een gezongen brug waarbij de tekst van het refrein zo goed mogelijk wordt toegepast op Reddings fluitmelodie. De zanger kreeg postuum toch zijn zin, maar de grandeur van de Staple Singers-versie van ‘(Sittin’ On) The Dock Of The Bay’ zit hem vooral in de bevlogen zang van Mavis Staples, die in het tweede couplet  “This loneliness won’t leave me alone” zingt of ze de  zanger in de hemel wil bereiken.

Otis Redding-Sitting on the dock of the bay

The Staple Singers – (Sittin' On) The Dock Of The Bay

‘This May Be The Last Time’

The Staple Singers zijn nooit zo onvoorbereid in de studio gekomen dat ze ter plekke nog een couplet moesten verzinnen. Ze zongen ook vooral traditionals en covers, liedjes waarvan de teksten al lang compleet waren. Of misschien was Pops Staples zo eigenwijs dat hij zich door niemand liet ompraten.

Wel werd één van hun nummers op een andere manier gerepareerd. We komen weer terug bij The Rolling Stones, die met een rockbewerking van ‘This May Be The Last Time’ de gospeltraditional veel groter maakten dan The Staple Singers ooit was gelukt. De Stones-versie was voldoende aangepast om voor een eigen nummer door te gaan, maar fervente Staple Singers-fans vonden het schandalig dat de gospelgroep geen royalties mocht ontvangen voor een hit die duidelijk geïnspireerd was op hun uitvoering van ‘This May Be The Last Time’.

Maar een reparatie was het zonder meer; eentje die – Otis Redding zei het al – een relatief obscuur religieus nummer toegankelijk maakte voor een groot publiek. En het zou zomaar kunnen dat dit grote publiek zonder The Rolling Stones nooit kennis had gemaakt met The Staple Singers en hun fantastische cover van ‘(Sittin’ On) The Dock Of The Bay’. Dus danken we de Stones voor het repareren van de Staples. We danken de Staples voor het repareren van Otis, en natuurlijk danken we Otis voor het repareren van de Stones. Nu nog iemand vinden die eindelijk dat extra couplet van ‘Ain’t No Sunshine’ schrijft.

The Staple Singers – This May be the Last Time

https://youtube.com/devicesupport

Tags: , , , , , , , ,

-->