nummer van 24/05/2014 door

‘Neighbour, neighbour’ van Jimmy Hughes

Don’t worry what goes round in my home

Neighbour Neighbour – JIMMY HUGHES

We liepen het café binnen, dat ook een debatcentrum was waar artistieke films werden vertoond en waar jonge mensen koffie dronken met latte art, maar waar we totaal niet op letten omdat we blij waren ergens te kunnen zitten nu onze voeten er de brui aan hadden gegeven. Op elke andere dag had ik tevreden vastgesteld dat ik altijd al een neus had gehad voor leuke zaakjes die het perfecte decor vormden voor gesprekken over het leven, maar nu ergerde ik me aan de ruimte zoals je je op een gegeven moment kunt ergeren aan de gekrulde babyhaartjes op het voorhoofd van je eerste vriendje die eerder zo schattig hadden geleken.

Het was onverminderd druk en nadat de serveerster onze bestelling had opgenomen, nam ik de mensen, meestal in koppels van twee, in me op. Ik draaide me om en zag een oude kennis en zei tegen mijn gezelschap, omdat ik nu eenmaal verrast was en nog altijd geen grip had op mijn onbevangenheid: ‘Kijk eens wie er achter ons zit.’ Het leek toeval, omdat we deze stad en dit café vrijwel nooit bezoeken. Omdat die kennis weliswaar in deze stad woont, maar we hier net zo goed een bekende uit onze eigen stad tegen hadden kunnen komen. Die gedachte maakte me somber en ik wenste dat ik hier alleen was gekomen, zodat ik kon doen alsof de kennis me niet was opgevallen, wat heel normaal is, doen alsof je iemand niet ziet als je geen zin hebt in geleuter of koude koffie. Want ik had geen zin om te praten. Om uitgehoord te worden. Want dat deed deze kennis, je zoveel mogelijk uithoren over wat je wilde, hoopte en nog van plan was te gaan doen, om vervolgens niets los te laten over zichzelf. Helemaal niets. Een schild dat jarenlang voorzichtig was opgebouwd, om een onberispelijk imago te veinzen. De energie en levenslust ondertussen uit je slurpend, zichtbaar ongeduldig om de zojuist verkregen precaire informatie door te sluizen naar een onschuldige, maar gewillige toehoorder.

Het was al te laat. Mijn gezelschap stond half op en keek naar het restaurantgedeelte om tussen etende en met wijnglazen klinkende mensen de persoon in kwestie te ontwaren en terwijl ik deed alsof ik blij was met deze onverwachte wending, rolde ik theatraal met mijn ogen en vertelde ik even later, als me iets werd gevraagd, alleen maar hele grote, dik aangezette leugens.

Tags: , , , , , , ,

-->