nummer van 11/04/2014 door

‘Fast Car’ van Tracy Chapman

Hoop in tijden van ellende

Tracy Chapman – Fast Car

De sfeer zit er meteen goed in bij ‘Fast Car’. Tracy Chapman zingt achtereenvolgens: jij hebt een snelle auto en ik wil een ticket naar waar-dan-ook, dus laten we alsjeblieft ergens naartoe gaan, als we in godsnaam maar vertrekken, want werkelijk álles is beter dan dit vreselijke stinkhol dat door moet gaan voor huis en deze aftandse buurt waar nog geen hond dood gevonden wil worden.

Oké, dat laatste zingt ze niet letterlijk, maar dankzij Chapmans talent om een verhaal minimaal vorm te geven, kun je de rest van het verhaal zo invullen. Haar lage, vibrerende stem en de doordringende maar droeve melodie maken het plaatje vervolgens af. Je hoeft dus ook maar een halve minuut naar ‘Fast Car’ te luisteren om te weten dat dit een vrouw is die verdriet heeft, die zingt over mis- en wantoestanden in de wereld, of juist dicht bij huis. Als kind had ik geen idee waar het liedje over ging, en net als bij ‘Luka’ van Suzanne Vega – ook zo’n schijnbaar onschuldig nummer dat stiekem een heel ellendig thema bespreekt – ging ik op latere leeftijd pas wat beter naar de tekst luisteren. En die bleek naast bakken ellende ook vol sprankjes hoop te zitten.

Tracy mag dan wel de boel de boel willen laten, naïef is ze geenszins. En dan nog: wat heeft ze te verliezen of te bewijzen? Ze wil gewoon opnieuw beginnen, met een schone lei, from scratch: “Starting from zero got nothing to lose.” Haar plan lijkt op het eerste gezicht impulsief, maar het idee spookt heus al wel een tijdje door haar hoofd. Terwijl ze in een supermarkt werkte, heeft ze wat geld kunnen sparen. Dat geld brengt haar niet ver, maar toch zeker wel ver genoeg om de auto in te stappen en weg te rijden, richting de grote stad, waar banen en algeheel geluk in het verschiet liggen.

You got a fast car
And I got a plan to get us out of here
I been working at the convenience store
Managed to save just a little bit of money
We won’t have to drive too far
Just ‘cross the border and into the city
You and I can both get jobs
And finally see what it means to be living

Eindelijk zien wat leven wérkelijk betekent. De enige juiste motivatie voor wie dan ook om ergens te willen wonen, om ergens iets op te bouwen. Om te zien wat leven écht betekent. Wat wil je ook, met een verleden waarin moederlief de werkloze, aan drank verslaafde vader verlaat omdat ze het niet meer aankan. Omdat ze meer van het leven wilde dan hij kon geven. Chapman vertelt haar verhaal daarbij verrassend zakelijk, registreert de feiten en de gebeurtenissen zonder al te veel emotie. Luisterend naar haar zwaarmoedige stem weet je dat dat een goede keuze is geweest.

My mama went off and left him
She wanted more from life than he could give
I said somebody’s got to take care of him
So I quit school and that’s what I did

Maar het tij is gekeerd: ze kan weg, ze vraagt haar geliefde om mee te gaan en de horizon tegemoet te rijden. Met spaargeld op zak en de vurige wens om eindelijk iets van het leven te maken, moet het haast wel lukken. Het refrein is hoopvol en net realistisch genoeg om in het droombeeld van de protagoniste mee te gaan. Natuurlijk is het realistisch, het is zelfs herkenbaar. Wie kan dat gevoel niet oproepen, dat het lijkt alsof je hele toekomst nog voor je ligt, dat je wil geloven dat alle kansen er nog liggen om ‘iemand’ te worden, te zijn? Chapmans droom is de droom van velen.

I remember we were driving driving in your car
The speed so fast I felt like I was drunk
City lights lay out before us
And your arm felt nice wrapped ‘round my shoulder
And I had a feeling that I belonged
And I had a feeling I could be someone,
be someone, be someone

‘Fast Car’ is hoopvol maar kan het leven niet mooier maken dan het is. Ook in een nieuwe omgeving dringen zich soortgelijke problemen op. Haar geliefde heeft ‘nog steeds’ geen werk. Maar dat weerhoudt Chapman er niet van haar dromen te blijven koesteren:

You still ain’t got a job
And I work in a market as a checkout girl
I know things will get better
You’ll find work and I’ll get promoted
We’ll move out of the shelter
Buy a big house and live in the suburbs

De cirkel van armoede is aan het eind van ‘Fast Car’, na alle mooie plannen en goede voornemens, niet doorbroken. Het milieu waaruit de vertelster wilde ontsnappen verschilt maar nauwelijks van de dagelijkse realiteit waarmee ze te maken krijgt. Haar geliefde heeft nog steeds die snelle auto, maar zij betaalt de rekeningen. Hij zit meer aan de bar en bij zijn vrienden dan dat hij zijn kinderen ziet. De geschiedenis van haar ouders heeft zich herhaald. Met het verschil dat zij niet zoals haar moeder het gezin verlaat, maar haar geliefde voor het blok zet. Het is alsof ze zich in de laatste zinnen tot hem richt: pak die snelle auto maar en rijd maar weg. In ware Chapman-stijl accepteert ze haar lot en laat ze hem de keus.

You got a fast car
And I got a job that pays all our bills
You stay out drinking late at the bar
See more of your friends than you do of your kids
I’d always hoped for better
Thought maybe together you and me would find it
I got no plans I ain’t going nowhere
So take your fast car and keep on driving

You got a fast car
But is it fast enough so you can fly away
You gotta make a decision
You leave tonight or live and die this way

Tags: , , , , , , , ,

-->