nummer van 30/03/2014 door De Rooie Neger

‘There Is No Sun’ van Jay Reatard

De laatste punk

De Rooie Neger is een maniakale platenverzamelaar en een graag geziene gast op festivals als Speedfest, Eurosonic en Lowlands om voor ambiance te zorgen en af en toe wat plaatjes te draaien. De muziekkeuze van de Neger gaat van schlager tot Slayer en ondanks het grote commerciële succes is De Rooie Neger gewoon zichzelf gebleven. Hij maakt zelfs gewoon even tijd vrij om een gastblog te schrijven.

Het begon allemaal met collega en boezemvriend Robert van der Giesen. Robert is eigenaar van boekingsbureau Kiss n Run en in die hoedanigheid heeft hij al heel wat Amerikaanse kwaliteitsgaragebandjes naar Europa gehaald. Op een ochtend in 2006 gaf hij me Blood Visions, de debuutplaat van Jay Reatard. Ik kende Jay vaag van z’n vorige bands The Reatards en Lost Sounds, die ik wel eens live had gezien. Snotty, sloppy punkrock waarbij het goed bierdrinken was; ik vond het oké maar niet meer dan dat. Ik was inmiddels ook behoorlijk aan de heavy metal, en had de garage scene al een tijdje niet meer goed gevolgd. Wat ik hoorde aan nieuwe bands vond ik slappe aftreksels van de Grote Voorbeelden uit de hoogtijdagen van de New Wave Of Sloppy Garage begin jaren 90, zoals New Bomb Turks, Rip Offs, Oblivians en Teengenerate.

Jay Reatard - Blood Visions

Jay Reatard – Blood Visions

De bloederige hoes van Blood Visions vond ik metal genoeg om de cd eens te beluisteren. Na twee draaibeurtjes was ik overtuigd van de  klasse van deze plaat en werd ik overvallen door een opwinding die ik niet meer had meegemaakt sinds ik de debuutplaat van de New Bomb Turks voor het eerst hoorde. Een stomp in de maag was het!

Ik kreeg zin om Jay live aan het werk te zien. Robert kreeg de tour met gemak rond (er was iets van een buzz gaande zoals dat geloof ik heet) en ik plande mijn agenda vol met Jay Reatard-shows. Jay kwam samen met de Boston Chinks op tour, die zowel als suppport act en de begeleidingsband van Jay fungeerden. Ik kon me maar moeilijk voorstellen dat dit live goed zou worden gespeeld. Die maniakale drums (Tommy Ramone op steroïden) zouden live gaan tegenvallen, dat kon niet anders. Na de eerste show was ik overtuigd, ik had er een nieuwe favoriete band bij. Jay stond met z’n Flying V (metal!) om z’n nek aanwijzingen naar z’n bandleden te schreeuwen, de set werd er in een moordend tempo doorheen gejast en Jay was de ultieme arrogante klootzak; de perfecte punk! Hij straalde een overmacht uit die me bij bezoeken aan z’n vorige bands ontgaan was, je vernam dat je naar iets bijzonders stond te kijken. Pure attitude ondersteund door een bak geweldige punknummers, geniaal.

Lauw bier en “fake hippies”

Robert is de enige boeker die ik ken die een hekel heeft aan het bezoeken van festivals. Zie je er normaal gesproken backstage altijd dezelfde gezichten van boekers en managers die hun eigen feestje vieren (“Tot volgende week hè, Best Kept Secret ja, gezellig!”), vriend Robert wil hier niets van weten en weigert er aan mee te doen. De Rooie Neger daarentegen doet niets liever dan backstage in een tl-verlichte bouwkeet lauw bier drinken (maakt niet uit van wie) en daarom werd ik op pad gestuurd om Jay een lading nieuwe T-shirts te gaan brengen op het uiterst sympathieke Dauwpop festival.

Ik was laat vertrokken richting Hellendoorn en was bij aankomst bang het concert van Jay te hebben gemist. Ik liep backstage bij het podium en zag een paar bezorgde gezichten, Jay stond zelf namelijk ook op het punt om het optreden te missen. Een kwartier voor showtime kwam de verrotte bus het terrein op en Jay stapte goedgehumeurd uit, maakte even een praatje met me, bracht rustig de doos T-shirts naar de bus en kwam terug met z’n Flying V en z’n Fender Twin Reverb. De rest van de band had zijn spul al op het podium staan toen de stagemanager Jay sommeerde om nu dan toch maar heel erg snel het podium op te gaan.

Jay Reatard

Hij sjokte richting de microfoon, stond een beetje aan z’n versterker te draaien, boerde slechts een keer “check,1,2,3” in de microfoon en het gas ging er op. Jay stopte slechts eenmaal voor een slok bier en om het publiek – nog slechts 25 mensen, Jay had de eerst goedgevulde tent zo goed als leeggespeeld – even te laten weten wat hij van het voorpogramma The Answer (“bunch of fuckin fake hippies!”) vond. Na twintig minuten was het afgelopen en liep hij van het podium. Inmiddels was de festivaldirecteur verhaal komen halen; van Jay werd verwacht om het Dauwpop publiek 45 minuten te entertainen. Het gesprek tussen Jay en de directeur verliep hilarisch. Directeur in steenkoolengels: “Hey Jay, I thought you should play 45 minutes!” Jay, geamuseerd: “I normally play 15 minute shows, I gave you 5 minutes bonus!” Grijnzend met een stapel bankbiljetten (“These people are super nice!”) liep Jay richting bus, ’s avonds moest er gespeeld worden in café Swaf te Hoorn.

Coke in Klazienaveen

Later bleek dat er een show van de tour was gecanceld en vroeg Robert me of Jay kon spelen in de jeugdsoos Sparrow in mijn woonplaats Klazienaveen en of ik misschien een chauffeur wist om Jay en consorten rond te rijden in deze laatste week van deze tour. De show was snel geregeld en in Klazienaveen kon Jay ook direct kennis maken met zijn nieuwe chauffeur en mijn maat Matje Patatje (of Mullet Fries zoals Jay hem noemde): een ex-soldaat die op z’n missies naar Irak zoveel ellende had meegemaakt dat het hem nadien moeite koste om langer dan acht uur achter elkaar nuchter te blijven, Matje zat werkloos thuis en kon wel een verzetje gebruiken.

Jay speelde een degelijke show in de Sparrow en na afloop werd er goed gefeest. Halverwege de party kwam Jay naast me zitten op de uitgeleefde leren bank in de backstage van de Sparrow. We zaten te praten over muziek en onzin en halverwege het gesprek werd de toon serieuzer. Jay vertelde over z’n moeilijke jeugd, over experimenten met drugs en over de ellende in z’n stad Memphis. Hier sprak een jongen die twee jaar jonger was dan ik en klonk alsof hij het leven had gehad van iemand van 95. Ik voelde me een domme wereldvreemde boer.

Jay Reatard 2Ik gaf Jay de sleutels van mijn huis en de uitleg hoe daar te komen (“een lang recht stuk lopen, derde huis”) en ging weg. ’s Ochtends vernam ik direct dat Jay niet was komen logeren. Voordat ik naar m’n werk moest ging ik even bij de Sparrow kijken. De deuren stonden open, Slayer klonk uit de stereo en Jay en Matje zaten lam aan de bar de beste vrienden te zijn. Ik ben even blijven hangen en heb geholpen met spullen inladen, Matje heeft even z’n hoofd onder kraan gehouden en de tour werd vervolgd richting België. In de week erop kreeg ik iedere nacht telefoon van Matje: “Neger,we hebben een minibike gekocht en Jay is met dat ding door een kroeg gereden, hahahaha!” Kortom, good times for all involved.

De laatste keer dat ik Jay zag was op 6 maart 2009 in Vera Groningen. Jay zag er gezond uit, was helemaal klaar met drank en drugs en had van z’n voorschot van platenlabel Matador Records niet alleen half Memphis getrakteerd op bier maar ook een huisje gekocht. De toekomst zag er goed uit. Het concert was hard en opgefokt, harder dan de shows in 2007. Als ik had geweten wat ik nu weet was ik in 2009 naar meer shows gegaan dan die ene show in Vera, godverdomme.

Het nieuws over het overlijden van Jay kreeg ik via een smsje van Robert: “Jay is dood, bel me eens.” Het was 14 januari 2010, een dag eerder was Jay gevonden in z’n huis in Memphis.

Tags: , , , , , , , , , , , ,

-->