nummer van 20/01/2014 door

‘Imidiwan Ahi Sigdim’ van Tinawiren

Altijd on the road

Tinariwen – "Imidiwan Ahi Sigdim"

Als muzikant ben je toch vaak ook een reiziger. Ik vond het vroeger zelf als muzikant in ieder geval het leukst om on the road te zijn. Shows spelen was leuk, zeker als er een hele road trip aan vooraf ging. Daarom genoot ik ook zo van toeren. De reis was een doel an sich. Samen in een busje op weg naar een volgende tijdelijke bestemming. De enige constante was het asfalt onder je wielen. In de studio zitten vond ik een noodzakelijk kwaad dat ons op reis kon sturen.

Er zijn natuurlijk tal van voorbeelden van muzikanten die het maar niets vinden, het leven in de tourbus. The Beatles in de latere jaren van hun carrière zijn misschien wel het bekendste voorbeeld en van onder meer Harry Nilsson en The Alan Parsons Project werd ook gezegd dat ze liever niet op tour gingen (en dat dus ook zelden deden). Maar dit lijken me toch meer uitzonderingen op de regel dat het leven van artiesten met  the life on the road gepaard gaat, of ze het nu leuk vinden of niet.

Muzikale nomaden, het klinkt daarom ook heel logisch. Ja, een muzikant is vaak een reiziger, maar dat bedoel ik niet. Nomaden, van die volkeren die al honderden jaren niet anders doen dan rondtrekken. Dat doen ze dus sowieso. Sommigen onder hen spelen muziek. Studioliefhebbers zullen dat volgens mij nooit worden. De Toeareg is zo’n nomadenvolk. Wars van grenzen dwalen ze sinds mensenheugenis door de Sahara. Ze verblijven vooral in de woestijngebieden van Mali, Niger en Algerije, maar ze trekken waar het lot hen heen stuurt. Dat lot stuurde de afgelopen jaren enkele van haar muzikale zonen de wijde wereld in. De Nigerees Omara Moctar leerden we kennen onder zijn artiestennaam Bombino. Zijn reizigersbloed en het door Black Keys-frontman Dan Auerbach geproduceerde album Nomad brachten hem in 2013 echt overal, waaronder drie keer in Nederland.

Maar Bombino komt nog maar net kijken. Toen hij in 1980 het levenslicht zag, hadden enkele stamgenoten Tinawiren al opgericht. Het lot bracht de bandleden samen in Algerije, waar veel Toeareg uit Mali heen waren gevlucht tijdens de burgeroorlog in het land. Het was daar dat bandleider Ibrahim Ag Alhabib zijn eerste gitaar bouwde − van niet meer dan een conservenblik, een stok en wat remkabels van een fiets − en zijn eerste akoestische gitaar kreeg. Hij hoorde er voor het eerst Led Zeppelin, Jimi Hendrix en Elvis Presley en leerde in het kamp waar hij verblijf zijn latere bandgenoten kennen. De jongens traden al snel op tijdens feesten en partijen. Aan een naam hadden ze nog niet gedacht, maar de mensen noemden hen Kel Tinariwen, de Jongens van de woestijn.

tinariwen_c_thomasdorn1Als strijders van het rebellenleger kwamen de Woestijnjongens begin jaren tachtig in contact met andere Toeareg-muzikanten. Samen wilden ze het leven van hun volk bezingen en bespelen en voor iedereen optreden die hen wilde horen. Als je Tinariwen, zoals het collectief zich nu liet noemen, een blanco cassettebandje gaf, namen ze hun nummers gratis voor je op met hun mobiele apparatuur. Op deze manier groeide het aanzien van de band razendsnel in de Sahara. De rest van de wereld zou nog volgen.

In 1998 leerde het Franse ensemble Lo’Jo enkele leden van Tinariwen kennen op een festival in Bamako. Samen richtten ze de band Azawad op, een samenwerking die leidde tot het Festival au Désert in 2001 (in grote mate mogelijk was gemaakt door het Belgische Sfinx Festival). De deuren waren geopend. Datzelfde jaar waren de Toeareg op verschillende Europese podia, waaronder dat van het Roskilde Festival, te zien. Hun debuutalbum The Radio Tisdas Sessions, opgenomen bij een Malinees radiostation, was het eerste werk dat buiten Noord-Afrika verkrijgbaar was.

Dertien jaar en zes albums later is er nog niet veel veranderd. Tinariwen nam hun nieuwe album Emmaar − dat begin februari uitkomt − op in de woestijn, alleen was het dit keer niet de Sahara, maar in Joshua Tree National Park in Californië. Het lot heeft hen hierheen gebracht. De politieke situatie in Mali was te onzeker. De tent waarin de band normaal opneemt heeft plaatsgemaakt voor een huisje. Toch bleef het gevoel hetzelfde, samen in de rust van de open vlakte waar de band zich zo goed in voelt en begeleid door Amerikaanse rondtrekkende zielen zoals Red Hot Chili Peppers-gitarist Josh Klinghoffer, Matt Sweeney van Chavez en dichter Saul Williams.

De nieuwe omgeving zorgde voor nieuwe impulsen, maar Emmaar klinkt net zoals zijn voorgangers bluesy, eindeloos en open als een woestijnnacht. Tinariwen bezingt ook nog steeds de lotgevallen van de Toeareg, een volk dat tot op de dag van vandaag geen rust heeft gevonden en als echte nomaden achter de zich immer verplaatsende rust blijft trekken.

De eeuwige trektocht van Tinariwen brengt de band op 4 maart aanstaande naar Paradiso, Amsterdam.

Tags: , , , , , , , , , , ,

-->