nummer van 09/01/2014 door

‘De Zwarte Plak’ van Rowwen Hèze

Oefenen in de de oude varkensstal

Rowwen Heze – De Zwarte Plak

Thuis werd toen ik nog kind was, muziek beleefd zoals in heel veel gezinnen denk ik. Er was een platenspeler en mijn ouders hadden hun bescheiden verzameling samengevoegd. Het gros van de platen stamde uit de tijd voordat ze kinderen kregen, behalve enkele nieuwe werken van artiesten waar ze fan van waren. Ik denk dat de laatste plaat die ooit in huis kwam Born In The USA is.

Het werd me niet opgedrongen, maar er was muziek, en door mijn nieuwsgierigheid naar de werking van zo’n platenspeler en zo’n grote zwarte plaat, werd toen ik klein was af en toe de draaitafel aangezwengeld. Wat ik me daarvan herinner: de al genoemde Born In The USA, A Night At The Opera van Queen, Before The Flood van Bob Dylan en The Band en verschillende Stones-, Eagles-, en Dire Straits-platen. Deze platen en de mixtapes van mijn oom (met daarop Black Sabbath, Uriah Heep, Fleetwood Mac, ZZ-Top, enzovoort) wakkerden mijn interesse aan. En zo ontstond een liefde voor het leven. Gestaag, maar soms ook met kleine sprongen.

Rowwen Hèze in zijn begindagen, op Pinkpop.

Rowwen Hèze in zijn begindagen, op Pinkpop.

Met sprongen

Er zijn twee van die sprongen die heel sterk hebben bijgedragen aan de verankering van die liefde, en die hebben allebei met Rowwen Hèze te maken. Ik ben opgegroeid in het Noord-Limburgse Horst, waarvan de geboorte- en standplaats van Rowwen Hèze, America, een kerkdorp is. Voor het eerst hoorde ik van de band op 7-jarige leeftijd tijdens carnaval. Ze hadden een protestnummer, ‘Niks Stront Niks’, uitgebracht en dat werd veelvuldig gedraaid tijdens de carnaval dat jaar. Leuk verder, maar niks wereldveranderends, totdat Rowwen Hèze een carnaval of twee later optrad in de grote dorpshal.

Punk

Ik hing daar rond in een lange witte, doch helemaal volgekliederde doktersjas als carnavalspak (we waren punk), kapotte spijkerbroek (nog steeds punk), de haren in stekels en allerlei kleuren (yep, ook punk). Op een hoog podium in de dorpshal waar zo’n man of 1500 aan het feestvieren was, stond al een hele backline klaar. Zoals ik al zei, was ik geïnteresseerd in muziek, en dit zag eruit alsof er muziek aankwam. Ik maakte me los van mijn vriendjes, verzamelde een paar stevige houten bierbladen, werkte me een weg naar het podium, stapelde die dingen op en ging erop staan. Ik kwam net met mijn hoofd boven het podium. Voor mijn part kon het beginnen, maar dat duurde nog even. Toen het eindelijk begon, stond ik precies onder de microfoon van zanger Jack Poels en kon hem een uur lang zien gitaarspelen, zingen en geinen met de bandleden, terwijl de band zijn feestnummers met veel plezier op de zaal afvuurde. Perfect. Af en toe keek ik om, of ik niet bedolven werd door de kolkende en hossende massa. Verkocht, niet zozeer aan de band in het bijzonder, maar aan dit alles in het algemeen.

Varkensstal

't Beste Van 2 Werelden uit 1999, met daarop de registratie van de theatertour

’t Beste Van 2 Werelden uit 1999, met daarop de registratie van de theatertour

Dat was één. Het tweede moment volgde iets later. Een van mijn basisschoolvriendjes, John, verhuisde van Horst naar America. Zijn vader had daar iets buiten de dorpskern een boerderij gekocht met grond en dus wat ruimte. Een paar weken later werd ik op een woensdagmiddag naar America gebracht om bij hem te spelen. We hingen buiten rond, struinden wat over het platteland en op het eind van de middag kwamen we terug. “Ik moet je iets laten zien”, begon hij voordat we onze vieze laarzen uitschopten bij de bijkeukendeur. “We hebben de oude en omgebouwde varkensstal verhuurd aan Rowwen Hèze, ze oefenen daar.” Stiekem nam hij me mee naar de stal waar allerlei muziekapparatuur stond. Een drumstel, versterkers en een zanginstallatie. Onder een bank trok hij een langwerpige en rechthoekige koffer vandaan. Hij gaf een draai aan de twee slotjes en opende de koffer. “De gitaar van Jack Poels”, vertelde hij glunderend. Het instrument blonk in het felle stallicht. Langzaam ging hij met zijn vinger over de snaren. Mijn mond hing open. Ik deed het hem één keer na en toen ging de koffer weer dicht en werd die naar zijn plek onder de bank geschoven. Weer verkocht, weer niet aan de band, maar wel aan de gitaar. Iets later kocht ik voor 150 gulden de elektrische gitaar over van mijn leraar.

begindagenIk heb daarna eigenlijk, net als daarvoor, nooit heel veel aandacht besteed aan Rowwen Hèze, maar dat de band mooie nummers heeft weet ik wel. Ik kan goed zonder de feestnummers – behalve als ik dronken ben, ik ken gelukkig nog wel alle teksten. Een tijdje draaide ik wat vaker de cd uit 1999 met daarop een live-registratie van hun theatertour. Mooie, kleine, warme liedjes over kleine dingen. Over de streek waar ik was opgegroeid, over een meisje, over een kroeg. Maar soms ook over grote dingen, zoals in dit nummer ‘De Zwarte Plak’. Het gaat over de oorlog, maar zoals het de band betaamt, vergeven van de bescheidenheid die kenmerkend is voor Noord-Limburgers uit De Peel, wordt zoiets groots altijd teruggebracht naar iets kleins. Naar iemand die ’s nachts hoopt dat het snel anders wordt.

Tags: , , , , ,

-->