nummer van 16/07/2013 door

‘The Pisgee Nest’ van Daughn Gibson

Hier klopt iets niet…

Daughn Gibson-The pisgee nest

“Wat is dit nou weer voor mafkees?” Letterlijk mijn eerste gedachte toen ik ergens een beschrijving van Daughn Gibson en zijn muziek las. Een voormalige vrachtwagenchauffeur die americana en electronica door de gehaktmolen haalt, daar kon naar mijn idee weinig smaakvols van komen. ‘The Sound Of Law’, het eerste nummer dat van zijn nieuwe album Me Moan te beluisterenwas, haalde me evenmin over de streep. Een gitaarloopje dat doet denken aan The Cure, een zanger die klinkt als een soort Chris Isaak on steroids en een stel zenuwachtige beats die maar wat door elkaar rammelen. Ik heb platen voor minder naar de prullenbak verwezen. Ook ‘Tiffany Lou’ van zijn vorige album, waar Arja eerder al over schreef, overtuigde me niet bepaald.

Gek genoeg was er toch iets in ‘The Sound Of Law’ dat me er vorige week toe bewoog om zijn tweede album eens een kans te geven. Mijn aandachtsspanne wat betreft nieuwe muziek is normaal gesproken vrij beperkt, vooral omdat er enorm veel uitkomt en ik het meeste in ieder geval een keer wil horen. Maar Daughn Gibson bleef ergens in m’n achterhoofd zeuren, terwijl ik normaal gesproken een artiest na zo’n matige eerste indruk allang had afgeserveerd. Ik snapte er niks van en besefte een fractie van een seconde later dat dat precies was wat me bezig bleef houden: ik snapte het simpelweg niet.

Daughn GibsonEen misplaatste soundtrack?

Dat bleef ook zo tijdens de eerste keer dat ik Me Moan in zijn geheel draaide. Het deed me denken aan een mogelijke soundtrack voor Twin Peaks als die serie zich in plaats van in de bossen van Washington af had gespeeld in het zwoele Lousiana. “You know how James Blake brought R&B into the post-techno age? That’s what Daughn is fitting to do with country, no matter who likes it,” zo stelde White Denim al eens, het platenlabel dat Gibsons debuut op vinyl uitbracht. Een treffende benadering, zo concludeerde ik na die eerste draaibeurt. Is het bloedserieus of ligt er juist een sarcastische ondertoon ten grondslag aan die idiote ambitie?

Tijdens het beluisteren van het album blijf ik het me steeds afvragen en lijkt het antwoord ergens in het midden te liggen. Luister eens naar ‘Kissin On The Blacktop’, bekijk de bijbehorende clip en je neigt aanvankelijk naar die eerste optie. Maar dan toch weer die overdreven opgetrokken rechter mondhoek terwijl hij op die pooltafel zit, dat kan niet serieus zijn. Aan de andere kant staat Me Moan ook vol met nummers als ‘The Pisgee Nest’, waarbij je niet anders kunt dan jezelf overgeven aan de hypnotiserende muzikale kwaliteiten die Daughn Gibson zonder twijfel bezit. Dat je daarbij constant in verwarring wordt gebracht maakt de plaat eigenlijk alleen maar interessanter. Na een week lang intensief luisteren ben ik er nog steeds niet uit, maar blijf ik wel genoeg moois ontdekken om nog even wat verder te dwalen in dat maffe wereldje.

Tags: , , , , , ,

-->