nummer van 20/06/2013 door

‘Indian Love Call’ van Slim Whitman

De jodelende cowboy

INDIAN LOVE CALL ~ Slim Whitman (1951)

Hij scoorde zijn grootste hits in de jaren 50 en verkocht wereldwijd meer dan 120 miljoen platen. We spreken in verleden tijd, want de Amerikaanse countryzanger Slim Whitman is niet meer. Hij overleed gisteren op 90-jarige leeftijd aan de gevolgen van hartfalen. Whitman, die bekend stond als jodelaar, werd ontdekt door Elvis Presley’s latere manager ‘Colonel’ Tom Parker (de in Breda geboren Andreas Cornelis “Dries” van Kuijk), rond de tijd dat hij in de marine diende. Het is ook precies dat jodelen waar we Whitman om zullen herinneren. Hoe zijn hoge, heldere stem moeiteloos over de tonen gleed. Tenminste, hij liet ons geloven dat dat makkelijk was. Probeer maar eens, als je een beetje kan zingen, te jodelen. Of probeer maar eens iets te doen met je stem wat enigszins op jodelen lijkt. Misschien dat een 13-jarige lezer met de baard in de keel het in één keer lukt, maar vooralsnog kunnen wij stervelingen zulks beter aan Slim Whitman overlaten.

Slim Whitman

Jodelen komt neer op het met je stem heel snel wisselen van toonhoogte. Dat doe je met je stembanden, in je strottenhoofd, zoals je al je geluid produceert. Mond, tong en lippen helpen je het juiste geluid te maken. Iedereen kan het leren, al heeft de een er wat meer gevoel voor dan de ander. Om te weten hoe jodelen werkt, moeten we terug naar de basis. Ieder mens heeft twee ‘stemmen’: een kopstem en een borststem. Bij de meeste mannen is de laatste het best ontwikkeld. Chris Martin van Coldplay, Justin Timberlake en Pharell hebben de kopstem sinds kort echter weer hip gemaakt; die klinkt in tegenstelling tot de borststem zachter, ijler of zelfs schril. En als je een zanger of zangeres hoort klagen dat hij/zij een liedje niet kan (mee)zingen omwille van de toonhoogte, denk dan niet dat de artiest in kwestie niet goed kan zingen, technisch gezien. Tussen het bereik van de kopstem en dat van de borststem zit namelijk bij iedereen een ‘gat’ van relatieve grootte; in dat tussengebied kun je geen van beide kanten op. Om je kopstem te gebruiken kan de toon net te laag liggen en voor het gebruik van de borststem de toon net te hoog. Jodelaars zien dit ‘probleem’ als een uitdaging.

How to yodelIn zekere zin doen jodelaars precies het tegenovergestelde van waarin operazangers getraind zijn. Waar de overgang van borst- naar kopstem in een opera onopvallend en vloeiend verloopt (passaggio), benadrukken jodelaars het verschil tussen de twee stemmen, door ze dus in korte tijd afwisselend te gebruiken. Liefst met een groot verschil tussen de twee opeenvolgende noten. Het zingen van opera’s en jodelen is allebei ontzettend knap, al wordt die eerste toch wat sneller tot hoge cultuur gerekend. Waarom eigenlijk? Heeft dat met smaak te maken? Het is in ieder geval niet helemaal terecht, wat techniek betreft. Zonder in te gaan op het technische vernuft van wat opera inhoudt, lijkt het me vreselijk bewonderenswaardig dat je als jodelaar 1. bizar snel kunt wisselen van je borst- naar je kopstem en 2. de ver uit elkaar gelegen noten zonder moeite haalt. Een perfect pitch is onmisbaar. Niets zo vals als een jodelaar zonder talent.

Het toeval wil dat in het Nummer van de Dag van hierboven, ‘Indian Love Call’ uit 1952, opera en yodelling elkaars pad kruisen. Het nummer is namelijk ooit geschreven voor een operette, Rose-Marie, in 1924 gecomponeerd door Rudolf Friml en Herbert Stothart (Herbert, die een Oscar won voor de originele filmmuziek van The Wizard of Oz uit 1936), en geschreven door Otto Harbach en Oscar Hammerstein II (Oscar, wiens grootste wapenfeit het schrijven van de songteksten voor The Sound of Music uit 1959 is).

Sinimberghi Gino and Ida in "Indian Love Call" (Canto d'amore indiano), from Rose Marie, Friml.

In 1936 kwam de filmversie van Rose-Marie uit, met Nelson Eddy en Jeanette MacDonald in de hoofdrollen. Twee begenadigde zangers, die genoeg afweken van het origineel om het grote publiek te kunnen raken. Het duet werd een hit en bleef een sleutelrol vervullen in de verdere carrières van de artiesten.

Slim Whitman - Indian Love CallWhitmans countryversie (hier live) doet je afvragen of hij qua techniek precies het tegenovergestelde van het origineel, de operette, deed. Je kunt het natuurlijk wel horen, dat zijn eerste uithalen niet vloeiend in elkaar overlopen maar in hoog tempo heen en weer over de toonladder schieten. Het lijkt nog maar weinig op het origineel en al iets meer op de versie die Eddy en MacDonald bekend maakte. In 1996 eerde regisseur Tim Burton Whitmans muziek nog door ‘Indian Love Call’ te gebruiken in zijn film Mars Attacks! Hierin zorgt Whitmans gejodel ervoor dat de hoofden van de marsmannetjes ontploffen. Het schijnt dat Whitman daar in een interview in 2008 zijn genoegen over uitsprak: “Yes, I’m the one who killed the blasted Martians.”[1]

Maar, zijn we nu wat betreft jodelen verloren zonder Slim Whitman? Als het aan de 11-jarige Taylor Ware ligt niet. Overigens wordt het zo steeds twijfelachtiger of jodelen wel zo bijzonder is. Dieren kunnen bijvoorbeeld ook met gemak reeksen opeenvolgende hoge en lage tonen produceren; merels, herten en ezels bijvoorbeeld. Wij mensen zijn wel de enigen die het voor de lol doen. Al wil ik graag geloven dat Whitman jodelde omdat hij niet beter of anders communiceren kon.

  1. [1]Whitmans muziek is wel vaker in films gebruikt, onder andere in Close Encounters of the Third Kind (1977), waarin je ‘Love Song of the Waterfall’ hoort, en in Rob Zombie’s House of 1000 Corpses (2003), waarin ‘I Remember You’ zit.

Tags: , , , , , , , , , , , ,

-->