nummer van 14/06/2013 door

‘Coyote’ van Joni Mitchell

Het liedje dat de weg vrijmaakte

Joni Mitchell – Coyote (The Last Waltz)

The Last Waltz, het legendarische afscheidsconcert van The Band, kent vele hoogtepunten. Hoogtepunten die niet alleen door de geweldige band zelf werden gecreëerd; samen met een handjevol special guests maakten ze zo ongeveer het mooiste muzikale feestje dat ik ooit op film heb gezien. We hebben het al eens een hele week over The Band in het bijzonder gehad, waarvan één nummer ook werd uitgevoerd tijdens dat befaamde, door Martin Scorsese gefilmde concert: ‘The Night ‘They Drove Old Dixie Down’. Maar ook ‘Caravan’ van Van Morrison is reeds bejubeld op dit blog, net als ‘Forever Young’ van Bob Dylan.

Joni MitchellDe enige artiest uit het rijtje waar ik weinig mee had – Neil Diamond als vanzelfsprekend daargelaten – was Joni Mitchell. Joni Mitchell is mijn, hoe noemde Martijn dat laatst ook alweer? Guilty displeasureJe hóórt bepaalde artiesten en hun albums goed te vinden, maar, mweh. Het komt niet aan, het raakt je niet. Het is niet dat ik nou zo uitgebreid onderzoek had gedaan naar de hoogblonde singer-songwriter, maar haar slome uiterlijk en, geef toe, licht zeikerige stem haalden me nooit over de streep. Luister, je hebt zelf ook vast wel een guilty displeasure. Misschien wel twee.

Dus toen ik een paar jaar geleden dat prachtig gedocumenteerde The Last Waltz zag, dacht ik: Joni mag dan wel een sloom uiterlijk en een overbite hebben én af een toe een beetje zeikerig zingen; briljant geschreven lijkt het allemaal wel. Dankzij ‘Coyote’ (Hejira, 1976), en dan met name deze live-versie, bekroop me zelfs de gedachte dat er binnen Joni’s oeuvre misschien nog wel meer moois te halen viel. Gedoseerd weliswaar, zoals dat bij mij gaat; ik heb naast ‘Coyote’ ruim achteneenhalf liedje van Joni in zijn geheel beluisterd. Ik wil het lot niet tarten. Gulzigheid mag niet resulteren in het alsnog verwerpen van Joni’s zogezegde meesterwerkjes. Eén bijzonder liedje van de beste vrouw per luisterbeurt, dat lijkt me voor iedereen het beste. Ik kom er wel.

Vanaf het moment dat ze op die bewuste avond in 1976 wordt aangekondigd, zijn alle blikken op Joni gericht. Met haar ranke gestalte buigt ze richting het uitgelaten publiek, waarna ze zich laat grijpen door The Band-gitarist Robbie Robertson die, sorry dat ik het zo onaardig zeg maar zo is het gewoon, geen kans onbenut laat de allemansvriend uit te hangen. Joni pakt haar gitaar en begint, en dit moment valt dus precies onder wat ik tot ‘sloom’ reken, te wiegen terwijl ze zachtjes het intro van ‘Coyote’ inzet. Maar zodra de eerste zin is uitgesproken – “No regrets, Coyote” – neemt een ferme, stoere vrouw het lichaam van deze hippie over, om er voor altijd beslag op te leggen.

Tekstueel gezien biedt ‘Coyote’ de vunzigheid van een roddelblaadje, verpakt in pure poëzie. Joni zingt over haar affaire met een getrouwde man, een man die in elk ‘couplet’ als haar ultieme tegenpool wordt neergezet. Laat er geen misverstand over bestaan, de affaire is voorbij en de grote verschillen tussen de twee protagonisten zijn de voornaamste reden.[1]

No regrets, Coyote
We just come from such different sets of circumstance
I’m up all night in the studios
And you’re up early on your ranch

De eerste vier zinnen vatten het nummer eigenlijk al behoorlijk goed samen, maar maken ook nieuwsgierig. Over welke cowboy, vreemdganger, schurk, ofwel coyote, gaat het hier? En waarom valt juist zij, rondtrekkende muzikante, nachtmens tot op het bot, op hem? “There’s no comprehending”, zingt Joni, en ze vervolgt:

Just how close to the bone and the skin and the eyes
And the lips you can get
And still feel so alone
And still feel related
Like stations in some relay

De aantrekkingskracht is er, zoveel is duidelijk, ook in een later couplet:

He drags me out on the dance floor
And we’re dancing close and slow

Maar zoals altijd bij een affaire komt het besef vroeg of laat dat het fout is, dat niets eraan het daglicht zal kunnen verdragen. Maar Joni weet precies wat ze doet:

Now he’s got a woman at home
He’s got another woman down the hall

Juist: niet alleen zijn vrouw wordt bedrogen, ook zijn andere minnares.[2] Foei, Coyote. Ach, zingt Joni, weinig aandacht schenkend aan haar eigen aandeel in de verhouding:He seems to want me anyway.”

Hejira (1976)

Hejira (1976)

Hun verschillen worden steeds duidelijker, schrijnender. Coyote representeert de natuur, het ongerepte, dat sterk in contrast staat met Joni’s stadse leven waar “pills and powders” aan de orde van de dag zijn. Hij verlangt meer en meer naar zijn natuurlijke habitat, zij is ondertussen, al reizend, zoekende naar die van haar. De relatie zal tot een eind komen, maar alleen als Joni besluit er een eind aan te maken. Haar onafhankelijkheid is haar te dierbaar, haar vrijheid te heilig. Ze is verslaafd aan the road. De op de studioversie te horen baspartij van Jaco Pastorius is die road waarop Joni wil toeven, waarop ze zich thuisvoelt. Waarop ik me inmiddels ook begeef, die weg, die lange weg naar een bijna volledige waardering voor deze hoogblonde verhalenvertelster met overbite. Geef me nog wat tijd, ik kom er wel.

I tried to run away myself
To run away and wrestle with my ego
And with this flame
You put here in this Eskimo

In this hitcher
In this prisoner
Of the fine white lines
Of the white lines
On the free, free way 

  1. [1]De echte Coyote, Joni’s kortstondige geliefde, is acteur en toneelschrijver Sam Shepard. Lees hier meer over hun affaire. Daaruit blijkt dat Joni een paar data op Bob Dylans Rolling Thunder Revue speelde, waar Shepard ook was. Hij was getrouwd met O-lan Jones en scharrelde daarna nog wat met Patti Smith.
  2. [2]Deze tweede vrouw schijnt serial groupie Chris O’Dell te zijn – bron.

Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

-->