nummer van 21/10/2012 door Michiel Eikenaar

‘As Flittermice As Satans Spys’ van Darkthrone

Over Edvard Munch en Bob uit Twin Peaks

Michiel Eikenaar timmert internationaal flink aan de weg met zijn black metalproject Nihill. De meest recente plaat Verdonkermaan (Hydra Head) werd bijvoorbeeld positief besproken op Pitchfork en in de Nederlandse kwaliteitsmedia zoals de Volkskrant. Naast Nihill zingt Michiel ook in de black metalband Dodecahedron.

Toen Edvard Munch op zijn tocht terug naar Oslo stil bleef staan op die brug, die bewuste avond in 1893, werd hij gegrepen door het landschap om hem heen. De ondergaande zon deed de lucht en het land versmelten in een kolkende en razende vuurzee. Hopeloos bedekte hij zijn oren voor het schreeuwende landschap dat hem had omsingeld. Ten einde raad schreeuwde hij in krankzinnige angst mee.

De Schreeuw, Edvard Munch (1893)

Dit icoon, wat voor de Noren hetzelfde is als klompen voor de Nederlanders, heeft plaats moeten maken voor Fenriz. Fenriz, drummer en mastermind achter Darkthrone. De overeenkomst tussen het schilderij ‘De Schreeuw’ van Edvard Munch en de kaft van het album Transilvanian Hunger (1994) van Darkthrone is bijzonder te noemen. De twee beelden zijn aan elkaar verwant. Alleen laat Darkthrone alle kleur weg en maakt gebruik van een maximaal contrast. Darkthrone zette hiermee de standaard voor de esthetiek van rauwe black metal.

Inhoudelijk zijn er ook raakvlakken. De reden waarom Munch zo bang werd, is te voelen in de vroege black metal-albums van Darkthrone. De bezwerende, repeterende, uitgeklede, kille, atmosferische riffs, het monotone drumwerk (op Transilvanian Hunger verandert het tempo van de drums pas halverwege de zesde track), de ijskoude scherpe productie en de schreeuwende krankzinnige vocals. Het eindeloze, het in trance brengen van de luisteraar. De uitgestrektheid van het ruwe landschap en de eindeloze duisternis van Noorwegen herbergen iets wat groot, krachtig, oud en kwaadaardig is. Zaken die wij vandaag de dag neigen te vergeten. Dit alles is te voelen in Darkthrone.

De hoes van Transylvanian Hunger spiegelt op donkere en kille wijze De Schreeuw. 

The King

Toen Elvis voor het eerst op tv zijn heupen aan het wiegen was op de Ed Sullivan show, stond de oudere generatie op zijn kop. Een aperte schande vonden zij het en bovendien bedreigend voor christelijke zeden, normen en waarden. The King werd in die tijd alleen vanaf borsthoogte in beeld gebracht om die duivelse danspasjes te verbergen. Maar de kracht en het kwaad van rock-‘n-roll was ineens bereikbaar voor de jeugd. De essentie van juist dit kwaad is terug te vinden in het werk van de vroege Darkthrone. Het begin van een subcultuur die zijn grenzen te buiten ging.

Zij die het zwarte schuim in het begin van de jaren 90 aan de horizon zagen naderen, the second wave of black metal, weten waarover ik het heb. Een minuscule globale subcultuur van duistere muziekliefhebbers die het landschap van extreme metal ging veranderen. Met iets wat niet alleen een muziekstijl was, maar ook een lifestyle en een ideologie. Darkthrone heeft hier een van de hoofdrollen in gespeeld. Zij besloten van moddervet geproduceerde eigenwijze deathmetal ineens over te stappen naar de ijskoude monotone black metal. Platenlabel Peaceville wist niet wat te doen en hield de band toch in hun roster om gezichtsverlies te beperken. Tot hun grote spijt want Darkthrone had lak aan alles. Een totale F.O.A.D.-attitude. De producties werden grimmiger en de boodschap nog erger.

Pikzwart

Het geluid op de albums werd steeds killer en kaler. Het album Transilvanian Hunger is in een eigen studio (Necrohell Studios) op een fourtrack opgenomen. In een vergelijking stelt Darkthrone-gitarist Nocturno Culto studio’s gelijk aan broodroosters. In een interview zegt hij dan ook lachend: “In de Necrohell Studio komt het brood er altijd pikzwart en verbrand uit.” De muziek is helemaal terug gebracht tot het rauwe, spontane, gruizige, repetitiegeluid. Op sommige tracks hoor je zelfs de viersporenrecorder handmatig afgezet worden. Schitterend is die dikke middelvinger in een tijd van overgeproduceerde metalalbums.

Darkthrone met links Fenriz

De tekst van kant B van het album Transilvanian Hunger is geschreven vanuit de gevangenis door Varg Vikernes van het notoire Burzum. Aan het einde van de track ‘As Flittermice As Satans Spys’ is er een omgekeerde boodschap te horen: “In the name of god let the churches burn.” De algeheel bekende geschiedenis van de Noorse black metal-scene laat ik dan ook hier maar achterwege. De tekst van het bovenstaande nummer handelt over vleermuizen uit vervlogen tijden die de christenen moeten bespieden om uiteindelijk het gekerstende Noorwegen in zijn oude staat terug te brengen. De keuze om sommige tracks op de plaat in de Noorse taal te schreeuwen geeft het dan ook nog een extra dimensie.

Best verkochte album

In de originele liner notes van de eerste albums kun je onder andere lezen dat de band de Brazilian deathsquadrons bedankt en zichzelf omdoopt tot Norsk Arisk Black Metal. Zaken waar een platenlabel, die in de booming business van death metal zat, niet bepaald blij mee was.

Nu piepen ze echter anders: het is een van de meest verkochte albums uit hun stal. Je kunt de prijzen die gevraagd worden voor de eerste originele persingen van Darkthrone-albums op Ebay erop naslaan.

Mijn eerste aanraking met het album Transilvanian Hunger was op de Midsummer Metal Meeting in 1994 in Vosselaar, België. Bij het zien van die prachtige kaft werd ik in één opslag volledig gegrepen. Thuis bleek de muziek mij te doen loskomen van de realiteit. Het kenmerk van grote kunst. De trance en het bezwerende gevoel dat de muziek opriep was ongeëvenaard.

Het ondefinieerbare kwaad, dat David Lynch ooit zo mooi wist te personificeren in de figuur Bob uit Twin Peaks, was hier vastgelegd in de groeven van het inktzwarte vinyl.

Tags: , , , , , , , , , , , , ,

-->