nummer van 29/09/2012 door

‘Luka’ van Suzanne Vega

My name is luka

Suzanne Vega – Luka

Het moet ergens midden jaren negentig zijn geweest. Mijn broertje en ik op de achterbank in de auto, op weg naar opa en oma. Geen boeken, want van lezen werden we misselijk. Sowieso was er weinig ander vertier, want een uur lang in de auto zitten betekende binnen ons gezin wat kletsen, naar buiten kijken, rode auto’s tellen –en niet onbelangrijk– naar de radio luisteren. Net voordat we afsloegen richting het Apeldoorns Kanaal klonken de eerste gitaren van Suzanne Vega’s hit ‘Luka’. We hadden toen nog geen idee naar wie we luisterden en hoe het nummer heette, maar temidden van de verveling waarin we verkeerden trok het onmiddellijk onze aandacht. En in de dertig seconden die het intro rijk is ontdekten mijn broertje en ik dat we ondanks ons leeftijdsverschil van zes jaar hetzelfde soort humor bezaten. Humor die onze ouders niet begrepen, het beste soort destijds. Bij het monotoon gezongen “My name is Luka” gierden we het namelijk uit. Dat een liedje zo kon beginnen! Zo banaal. Zo droog. Zo suf, vonden wij. “My name is Luka.” We konden er geen genoeg van krijgen, het werd de running gag van onze jeugd.

Jaren later kwam ik erachter dat het helemaal niet zo’n banaal of droog liedje was, maar eigenlijk heel erg zielig. Volstrekt niet suf ook, maar hartstikke mooi. Het liedje stond in 1987 niet voor niets op #3 in de Billboard Hot 100, de hoogste notering die Vega ooit zou krijgen. Maar of ‘Luka’ een hit was geworden dankzij de treurige tekst of nu juist vanwege de pakkende melodie weet Vega zelf ook niet helemaal. In een artikel dat ze een paar jaar geleden voor The New York Times schreef, beschrijft de zangeres het dubbele gevoel dat ze over haar twee grote hits heeft, waar ‘Luka’ er één van is (en ‘Tom’s Diner’, over Het Restaurant uit Seinfeld, de andere). Haar overpeinzing begint met de introductie van een stuk dat ze over zichzelf las met de titel “Two-Hit Wonders!”. Het is niet dat ze niet gewend is aan benamingen van dergelijke aard, maar een klein beetje vernederend blijft Vega het wel vinden:

…it makes me look as though somehow I managed to squeak out those two songs and then shuffle back to being a receptionist, which isn’t true.

Ze beziet haar carrière dan ook liever vanuit het feit dat ze meer dan twintig jaar muziek maakt, muziek die veel mensen kennen en koesteren, waarvan twee nummers de Top 40 haalden. Geen slechte verdienste, besluit Vega. Het is niet dat ze zich schaamt voor haar successen, maar ze heeft zichzelf wel vaak het volgende afgevraagd:

Why those two? Why not the others? There were other songs just as sparkly and and shiny and major key and radio friendly like “Book of Dreams” or “No Cheap Thrill” or “Frank & Ava” and so forth. But nothing has had the longevity of those two. So far, anyway.

Ik weet niet of andere artiesten ooit stil staan bij de krenten uit hun eigen pap middels een stuk in The New York Times, maar begenadigd songwriter als Vega is, draait ze haar hand niet om voor een inzichtelijk artikel over de vermoedelijke reden achter het succes van ‘Luka’. Vega traceert allereerst haar inspiratiebron: Lou Reeds album Berlin (1973). Geleend worden de akoestische gitaren en de thematiek; mishandeling. Een jongetje dat in Vega’s buurt woonde heette Luka en dat leek haar een mooie, universele naam om een verhaal aan op te hangen. Een verhaal over kindermishandeling. Niet om er een hit mee te scoren, want wie wilde nu naar een liedje over kindermishandeling luisteren? Het publiek dat doorgaans naar haar optredens kwam in ieder geval niet, aan hun ongemakkelijke en ietwat ongelukkige blik te zien. Manager Ron Fierstein wuifde Vega’s onzekerheid over het nummer weg en zei: dit wordt een hit.

It’s a song about a social issue. Songs about social issues are important. We don’t have enough of them now. This generation needs to have more.

Maar Vega had simpelweg een portret willen schrijven, geen lied om sociale kwesties aan de kaak te stellen. Was dat wel haar taak als muzikant? Schoorvoetend gaf ze uiteindelijk toe, maar de cynicus in haar bleef alert. Ze wilde meewerken op één voorwaarde: opnieuw arrangeren mocht, maar alles moest in majeur worden blijven gespeeld:

I had written it that way deliberately, because the stereotype of a sad little boy on a doorstep suffering in a minor key made me furious.

Het zou later de kracht van het nummer blijken. Later bleek overigens wel een jaar te duren. Het langdurige proces maakte Vega dan ook nerveus, alsof er heel wat van het nummer afhing, alsof de moeite van het opnieuw inzingen en de hooggespannen verwachtingen die Ron Fierstein had gecreëerd zich hoe dan ook moesten terugbetalen:

I felt that I was hanging from a cliff by my nails — a feeling I have had many times in my career. How funny that journalists sometimes write about my “relaxed recording schedule”! If your idea of relaxing is hanging by your nails from a cliff, I guess that’s correct.

Dat dat nergens voor nodig was, bleek een paar weken later, toen het album Solitude Standing (1987) uitkwam. Alles veranderde. De ooit halflege café’s en theaters stroomden avond na avond vol en binnen een jaar werd Carnegie Hall aangedaan. Op dit moment van overpeinzen stelt Vega zichzelf opnieuw de vraag: Why? Why the huge response? Na de zaken op een wat objectievere manier te hebben bekeken is het voor zangeres en lezer al wel iets duidelijker. Enerzijds was het dat onderwerp; zoveel mensen stuurden haar brieven over hun eigen ervaringen. En dat zoveel mensen uit zoveel verschillende landen zich met haar verzonnen Luka konden identificeren verbaasde maar intrigeerde Vega enorm. Wat ooit een portret had moeten zijn van klein persoonlijk leed, bleek eind jaren tachtig een groot sociaal probleem waar nooit over werd gezongen, aldus ook de recensenten die het nummer om die reden lof toestaken. Anderzijds was ‘Luka’ een prettig liedje om naar te luisteren, een liedje dat op de radio goed klonk.[1] Als je de moeite nam om wat beter te luisteren raakte het je ook nog eens. Een terechte hit volgens velen. Vega is er maar wat blij mee en maalt dan ook niet om het feit dat ze een two-hit wonder zou zijn: …well, I think it’s better than being a one-hit wonder, thank you very much.

Ik kon het gister niet laten om mijn broertje over ‘Luka’ te polsen. Ik denk dat hij te jong was om zich het voorval op de achterbank te herinneren, maar omdat hij de zin “My name is Luka” wel degelijk verstond, moet hij toch haast wel oud genoeg zijn geweest om ook dát te onthouden. Er rinkelden in eerste instantie geen belletjes. Toen stuurde ik de clip door. En jawel, hij bulderde van het lachen, kwam niet meer bij. Zijn hele jeugd was in één klap weer te overzien. Even later, het duurde misschien een paar minuten voordat we allebei waren uitgelachen, zei hij: “Maar, dit is eigenlijk best een mooi liedje, Ar.”

  1. [1]Zelfs live werkt de ingetogenheid perfect.

Tags: , , , , , ,

-->