nummer van 14/09/2012 door

‘Tiffany Lou’ van Daughn Gibson

Een ongewone combinatie

Daughn Gibson – Tiffany Lou

Nu we hebben besloten dat de stempel supergroep wat overdreven is voor Divine Fits, is het lang niet zo’n gek idee om in dit gestolen moment aandacht te besteden aan de artiest die ruim een week geleden het voorprogramma verzorgde bij een optreden van de band in Los Angeles. Niet in de laatste plaats omdat de artiest waar ik het over heb, Daughn Gibson, stevig imponeert. Met zijn liedjes, zijn geluid, en zijn diepe, mannelijke mannenstem. Vooral dat laatste is het smeermiddel op Gibsons debuut All Hell, dat in maart dit jaar uitkwam.

Het begon allemaal toen de eerste seconden van ‘In the beginning’, het tweede nummer op de plaat, me herinnerden aan mijn jeugd, aan voordrachten op de muziekschool waarvoor ik als tienjarige doodzenuwachtig was, aan mijn oude piano waar op een gegeven moment niet meer tegen op te stemmen viel. Het geluid dat uit Gibsons piano komt kende ik als geen ander. Gruizig en een tikje vals; geen Steinway, maar een barrel dat alleen bij repetities uitkomst biedt. Toch klonken de eerste klanken van ‘In the beginning’ zo vertrouwd dat ik de wending die na ongeveer zestien seconden volgt met geen mogelijkheid hoorde aankomen. Op 0:17 klinken de drums en zijn we weer terug in 2012. Back to the future.

Precies datgene wat me aantrok in ‘In the beginning’ – het gruizige geluid, de croonende stem van Gibson, het 80s gevoel, de koortjes – hoor ik ook in ‘Tiffany Lou’, maar dan subtieler uitgewerkt. Wat een nummer. Een intro dat vervreemdend werkt, met vervormingen en een beat die rechtstreeks uit het huidige elektronicalandschap komen en een stem uit vervlogen tijden, maken dit tot een uniek hoorspel. Johnny Cash meets James Blake, werd er al eens geroepen, waarmee country en (vertraagde) dubstep als vanzelfsprekend aan elkaar worden gekoppeld. Het is natuurlijk ook een ongewone combinatie, zo’n stem die niet onder doet voor de Nick Cave‘s, Johnny Cash’s en Matt Berningers (The National) op deze wereld, en een instrumentarium dat een nieuw maar herkenbaar geluid voortbrengt; voortstuwend, flirtend met samples, gevangen in een constante loop. Talk Talk anno 2012. Want dat jaren tachtig-gevoel blijf ik houden.

Het mooiste aan ‘Tiffany Lou’, afgezien van Gibsons warme bariton, is het kleine leed dat wordt beschreven, precies zoals dat in countryliedjes gangbaar is. Wat we hier horen is minder explicatief en metaforisch vaak sterker, maar toch: we hebben het over liedjes vol small town tragedies, vol dromen die nooit worden waargemaakt, schuldgevoelens die op latere leeftijd opspelen en gevoelens die niet verbaal kunnen worden geuit. Daughn Gibson, nog niet zo heel lang geleden vrachtwagenchauffeur, weet er raad mee. En dat is niet onopgemerkt gebleven; hij tekende onlangs bij Sub Pop Records (oa. Beach House, Fleet Foxes). Zijn nieuwste nummer ‘Reach into the fire’ kun je alvast hier beluisteren.

Zo blijven doorgaan Gibson, met die sound zit het wel snor. Niks meer aan doen.

Tags: , , , , , , , , , ,

-->