nummer van 17/08/2012 door

‘Walking on the sky’ van David Lynch

liever vragen dan antwoorden

David Lynch – Inland Empire soundtrack – Walkin' on the sky

Van David Lynch’ film Inland Empire uit 2006 is me nog maar weinig bijgebleven. Wel, een paar scènes schieten door mijn hoofd; olijfgroen gekleurd, slecht verlicht en pixelig, verwrongen als door een wasmachine te zijn voorgespoeld. Ik herinner me beelden van een huilend meisje, een stel konijnen in pak en een schrikmoment waar ik nachtenlang wakker van heb gelegen. Ook Laura Dern, de ranke blonde actrice waar Lynch vaker mee werkt maar waar ik maar geen sympathie voor kan opbrengen, fladdert door mijn hoofd. Geheel in tegenstelling tot actrice Grace Zabriskie overigens – denk: Poolse trekken, rancuneuze grijns – wiens bekende verschijning nog enigszins houvast bood in deze nachtmerrie van een film in een film in een film. Vaag? Ja, vaag is het allemaal wel. Maar dat is ongetwijfeld geheel te wijten aan mijn eigen beperkingen. En omdat mijn gezelschap na een half uur zijn eigen dromenland boven dat van Lynch verkoos, liet ik het bizarre schouwspel gewillig onder mijn huid kruipen. Zonder het per scène te willen duiden. Dat lukte aardig, dankzij de soundtrack, waarmee David Lynch zichzelf muzikaal overtrof.

Sinister en onverklaarbaar

‘Walking on the sky’ is een muzikale ervaring niet minder sinister en onverklaarbaar dan de drie uur durende film. Het nummer begint met een doffe beat die er in slaagt beelden op te roepen van een belangrijke aankondiging, een aankondiging van een of ander gevreesd figuur. Ondertussen is het gerammel en gerinkel in het intro zodanig gepositioneerd dat het ritmisch interessant blijft, en volgt er een duivelse toespraak waaruit maar weinig woorden een herkenbare vorm krijgen toebedeeld. Als hersenspoelen gevangen moest worden in een geluidsfragment, dat zou het zó klinken. De repetitieve klanken die je schedel doorboren dulden geen angst, dicteren de te lopen weg. Vooruit, mars. Het meest bijzondere is misschien nog wel dat het David Lynch’ stem is die je hoort, een stem die hij nooit eerder leende voor zijn eigen muziek. Het resultaat? Een mantra dat door je hoofd blijft spoken en waarbij allerhande fantasieën ontspruiten.

Bevrijdende camera

Het interview met David Lynch dat ik las over Inland Empire gaf me precies de juiste dosering aan duiding die ik nodig had om nog iets met de soundtrack en de film te kunnen. Het ging over zijn gebruik van de digitale camera. In tegenstelling tot wat men van de eerste digitale film van Lynch had verwacht, koos de excentrieke regisseur voor de Sony PD-150. Dat was weliswaar een digitale camera, maar toch vooral een aankoop voor de doodgewone consument. Lynch was er echter lovend over, hij voelde zich bevrijd. Automatische focus, licht in gebruik; wat wilde hij nog meer?

“The quality [of the digital image] reminds me of the films of the 1930s. In the early days, the emulsion wasn’t so good, so there was less information on the screen. The Sony PD result is a bit like that; it’s nowhere near high-def. And sometimes, in a frame, if there’s some question about what you’re seeing, or some dark corner, the mind can go dreaming. If everything is crystal clear in that frame, that’s what it is – that’s all it is. And high-def, unfortunately, is so crystal clear.”[1]

De camera die Lynch gebruikte deed precies wat hij wilde: de diepte ingaan. Hoe meer we ons afvragen wat we zien, hoe makkelijker we ons kunnen overgeven aan het vullen van de gaten, aan fantasieën die in ons huizen en erom schreeuwen losgelaten te worden. Ik mag graag geloven dat Lynch op eenzelfde manier zijn muziek heeft benaderd. Althans, als we het over dit nummer hebben. Door te vervormen, te vervagen en te herhalen laat Lynch ons afvragen wat we eigenlijk horen. Geen gespreid bed, maar een bed vol kruimels die lekker ruiken en smaken, maar waarvan we niet weten uit welke lekkernij ze zijn afgebrokkeld. We spelen met klanken. Proberen van klanken letters, van letters woorden en van woorden zinnen te breien. Als een grote puzzel waarin het laatste puzzelstukje niet rechtsonder in de hoek, maar op een willekeurige plek wordt gelegd. Als een raadsel dat wordt opgelost omdat je het juist even liet liggen. Als een film van David Lynch. Verplicht wegdromen, dus.

  1. [1]Geciteerd uit Anna Katharina Schaffner, “Fantasmatic Splittings and Destructive Desires: Lynch’s Lost Highway, Mulholland Drive, andInland Empire,” Forum for Modern Language Studies 45.2 (2009): p. 270-291, 282-83.

Tags: , , , ,

-->