Artur Verocai – Caboclo

In 1972 bracht Arthur Verocai zijn eerste (en dertig jaar lang enige) zelfgetitelde solo-album uit. Alles zat erin, maar er kwam weinig uit. Verocai, niet bitter maar pragmatisch, zette zijn muzikaliteit in voor commerciële televisiemuziek en betaalde daarmee de rekeningen, onderwijs voor zijn zonen, zijn leven. Hij was tevreden. Maar zelfs als Verocai zelf zijn werk zou zijn vergeten, dan had de wereld het niet toegestaan. Decennia later vindt het album zijn weg herhaaldelijk terug naar muzikanten die zich verbazen over de schoonheid van deze (bijna) vergeten parel: MF Doom, Little Brother… Psychedelisch, in de wolken, in een warme Braziliaanse lucht, vochtig van de zee, warm van de zon. Zo voelt deze plaat. Zo voelt ‘Caboclo’.

Het is moeilijk voor te stellen dat Arthur Verocai niet veel meer mensen bereikte toen het in 1972 uitkwam. Misschien was het teveel in één keer: jazz, psychedelica, soul, samba, bossanova, folk, rock. Verocai had alles wat hij aan zijn platenmaatschappij gevraagd had gekregen om het album te maken: twaalf violen, vier viola’s, cello’s, een trompet, saxofoon, twee percussionisten, piano, gitaar. De synthesizer kreeg hij van een kennis, via via. Hij had alles, en het lijkt ook alsof hij alles er in één keer in wilde stoppen: alle muziekstijlen die hem inspireerden en alle redenen waarom Arthur Verocai van muziek hield, vanaf zijn eerste kennismaking met een gitarist toen hij veertien jaar oud was. Nu was hij pas 25 jaar oud, maar aan zijn werk te horen al wijs genoeg om een compleet beeld te hebben van wat muziek voor hem betekende en hoe het voor hem moest klinken. Muziek was goud voor Verocai en Arthur Verocai is puur goud.

Het lijkt zelfs jammer dat het album niet meer heeft kunnen doen voor Brazilianen, in de context waarin het uitkwam. De militaire dictatuur (1964-1985) waar het land zich in bevond had het gevoel van vrijheid die uit de muziek pulseert waarschijnlijk goed kunnen gebruiken. Als het niet voor de muziek was, dan voor de teksten:  de man die Verocai hielp met de teksten, links georiënteerd en fel tegen de dictatuur, verbloemde zijn boodschappen in dikke metaforen, censuur-proof. ‘Presente grego’ is het geschenk dat de dictatuur als een Paard van Troje aan Brazilië geeft – een ongewild geschenk waar niets goeds uit komt. Arthur Verocai lijkt op een muzikale droom die elke jonge Braziliaan op zijn platenspeler kon leggen om te ontsnappen aan de werkelijkheid. Hopelijk was dat ook zo, ook al waren het er maar weinig.

Pas jaren later is Verocai dankzij het type artiest dat met zijn vinger langs oude platenhoezen glijdt, op zoek naar bruikbare samples, weer uit de schaduw gekomen. Hoe had dit werk vergeten kunnen worden? In 2009 organiseerde het label Mochilla de concertreeks Timeless, om legendarische artiesten te eren.[1] Twaalfhonderd gelukkigen waren aanwezig bij het concert van Verocai in L.A., waar een dertig-koppig orkest de plaat – voor het eerst! –  noot voor noot speelde, met Verocai als elegante dirigent, met lichaam en geest betrokken bij iedere noot van ieder instrument. Voor ‘Caboclo’ gaf Verocai de dirigeerstok over aan Miguel Atwood-Ferguson en nam hij zelf plaats achter de microfoon. 37 jaar geleden schreef hij dit, creëerde hij met zijn ideeën en zijn stem deze warme gloed, en jaren later warmde het de aarde nog steeds op.

In oktober 2011 organiseerde het label Rush Hour een concert voor Verocai in Paradiso waarin hij met het Kindred Spirits Ensemble en de Legendary Movie Orchestra zijn muziek aan het Nederlandse publiek liet horen. Bekijk het hieronder. Até logo!

Arthur Verocai – Na Boca do Sol live @ Paradiso Amsterdam

  1. [1]J. Dilla en Mulatu Astatke zijn twee andere grote namen die deel uitmaken van deze serie.

Tags: , , , , , , , , , , ,

-->