nummer van 13/06/2012 door

‘Return To Oz’ van Scissor Sisters

Voorbij de dancehits

scissor sisters – return to oz

Ergens in de wondere wereld van het geheuvelde Hollywood vinden wij Jim Carrey, veelzijdig acteur met elastisch gelaat. We kennen zijn gekke bekken, zijn grappen en grollen, groteske mimiek, en het vleugje drama waarmee hij zijn vaak extravagante personages van het witte doek laat spatten. Niet naar ieders smaak wellicht, maar men zal moeten toegeven dat de beste man op zijn minst een goed staaltje improviseren kan. Maar vanaf dat Jim Carrey doorbrak als Stanley Ipkiss in The Mask (1994) zullen velen ongetwijfeld nog altijd moeite hebben met de trucjes die hij sindsdien, keer op keer, van stal haalt.

"Ik kan niet altijd mooi weer spelen" – Jim Carrey

Verbaasd moet men dan ook zijn geweest toen Carrey na karikaturale films als Ace Ventura (1994 en 1995), Dumb & Dumber (1994) en Liar Liar (1997) een ‘serieuzere’ rol aannam. In 1998, nog geen vier jaar na zijn doorbraak, schitterde hij in The Truman Show – de wereld van de realityshow voordat de realityshow zelf wereldberoemd werd. Nog een jaar later kroop hij in de huid van de Amerikaanse komiek Andy Kaufman in Man on the Moon, waarvoor onze goedgebekte vriend geheel terecht een Golden Globe ontving. Wat een getalenteerd acteur, dachten de mensen. Dat werd helemaal gedacht na Eternal Sunshine Of The Spotless Mind (2004), mijn persoonlijke favoriet in de categorie Serieuze Films Met Jim Carrey. Stiekem was hij in Dumb & Dumber natuurlijk al goed, maar dát hardop zeggen zou voor veel mensen een beetje verwarrend zijn geweest. En zo leerden wij allen een belangrijke les dankzij meneer Carrey: de mens is veelzijdig en heeft dikwijls meerdere talenten. Welk een opluchting.

Aan alle mensen die dankzij The Truman Show en Man on the Moon lichtelijk gecharmeerd zijn geraakt door de acteerkunsten van Jim Carrey, stel ik dan ook het volgende voor: geef andere extravagante figuren uit de showbizz, of het nu om de kunst-, mode- of muziekwereld gaat, eenzelfde kans. Want de grappigste mensen zijn vaak de meest ongelukkige mensen. En de meeste ongelukkige mensen maken de mooiste dingen. Luister bijvoorbeeld (weer) eens naar glampopband Scissor Sisters. En pak dan vooral hun gelijknamige debuut uit 2004 erbij. Misschien kun je je één hit nog wel herinneren: ‘Take Your Mama’, of de hate it or love it Pink Floyd-cover ‘Comfortably Numb’. ‘I Don’t Feel Like Dancing’ ken je vast ook, maar die stond alweer op SS’s tweede studioalbum, Ta-Dah (2006). Nee, dat debuutalbum heeft weinig mensen echt weten te bereiken. Zonde, want er stáán me toch een paar parels op (‘Mary’, anyone?) Denk Rufus Wainwright en Elton John qua songstructuur en melancholie. Denk Pink Floyd qua psychadelische invloeden en mineur/majeur-wisselingen. Denk aan een manisch-depressieve clown. Dorothy aan de crystal meth, zwalkend over the yellow brick road richting The Wizard of Oz. Denk: Jim Carrey in een serieuze film. Dat is Scissor Sisters op hun best. En (de intens mooie brug van) ‘Return To Oz’ is daarvan dé afgevaardigde.

The wheelies are cutting pavement 
and the Skeksis at the rave meant
to hide deep inside
their sunken faces
and their wild, rolling eyes
But their callous words reveal
That they can no longer feel
Love or sex appeal
The patchwork girl has come to cinch the deal

To return to Oz we’ve fled the world
With smiles and clenching jaws
Please help me friend from coming down
I’ve lost my place and now it can’t be found
Is this the return to Oz?
The grass is dead, the gold is brown and the sky has claws 
There’s a wind-up man walking round and round 
What once was Emerald City is now a crystal town

Tags: , , , , , ,

-->