nummer van 26/03/2012 door

‘I think I can’ van Animal Collective

Welcome to the jungle

Animal Collective-I Think I Can

2009 was een goed jaar voor Animal Collective. Hun achtste plaat was nog niet eens uit (en de maand januari nog niet eens voorbij) of er werd al gefluisterd dat het dé plaat van 2009 zou worden. Merriweather Post Pavilion: 55 minuten aan zo’n beetje alles wat ongrijpbaar en intens begeerlijk klinkt, verpakt in een trippy hoesje dat maar niet stil wil blijven staan. Recensieaggregaat Metacritic.com bestempelde het als het beste ontvangen album van 2009. Hoe volg je zoiets op?

De leden van Animal Collective hielden hun hoofd koel en kwamen in november 2009 met de ep Fall be kind, een perfect uitgebalanceerd pakketje muziek. Het begint in LSD-achtige sferen, gebaad in haast kinderlijke vreugde, compleet met panfluiten (‘Graze’) en de eerste legale Grateful Dead-sample  (‘What would I want? Sky’). ‘Bleed’ is het breekpunt van de ep, een soort intermezzo zonder duidelijk begin of eind, dat de plaat soepel van majeur naar mineur leidt. Daarmee rolt het als vanzelf naar ‘On a highway’, een donkere bladzijde uit zanger David Portners dagboek, waarin de melancholie en verveling van het touren beschreven staan. Zinnen als “Sick of too much reading, jealous of Noah’s dreaming, can’t help my brain from thinking” zeggen genoeg. En dan ‘I think I can’; de homerun.

Nog steeds eerder donker dan licht, begint ‘I think I can’ met 44 seconden aan hoge, draaierige noten die steeds sneller en sneller beginnen te draaien. Vogeltjes. Een eerste laag wordt gelegd. Op 0:46 ploffen we met een harde stomp neer op de grond en start de melodie die gedurende het hele nummer doorgezet zal worden. 0:53, handgeklap. Een nieuwe laag. Noah Lennox en Portner beginnen te zingen.

What’s in the way? And
What’s nice about staying on the same pace?
Want to, want to get on and stay on. What I
Guess I’m just doing makes me feel good

Meer lagen, meer vogels. Het nummer wordt alsmaar voller en voller. Na een paar minuten is het gedaan: je staat in het midden van een jungle van geluid. Wat een geniaal idee om je luisteraars naar zo’n exotische locatie mee te nemen om het einde van je ep te vieren.

Op 5:31 hoor je voor het eerst de woorden “I think I can” (in canon) en valt er iets op: de timide zin klinkt eigenlijk helemaal niet zoals je misschien had verwacht. Nog binnen zes minuten heeft Animal Collective het voor elkaar gekregen met slimme ritmes, in elkaar vervlochten geluidslagen en aanmoedigend handgeklap de lading van de zin 180 graden te draaien. Niet “Ik denk dat ik het misschien kan”, maar “Ik denk dat ik het écht kan. Ik denk écht dat ik het kan.” Of zelfs: “Ík denk dat ik het kan, en als ik het denk, kan ik het.” Behoorlijk sterke boodschap om een ep waar zoveel hoop op gevestigd was mee af te sluiten.

Tags: , ,

-->