Het zal ongetwijfeld een jongensdroom geweest zijn van Daniël Lohues, maar in 2003 maakt hij die op zijn 32e dan ook eindelijk waar: een bluesband beginnen met muzikanten uit Amerika. In de lente van dat jaar vertrekt hij met gitarist en neef Marco Geerdink naar Baton Rouge om daar met lokale muzikanten zijn in het Drents gezongen bluesnummers op te nemen. Paul Ruven reist met hem mee en maakt een prachtige documentaire, die in zijn geheel op YouTube te vinden is en ook als dvd bijgesloten is op Grip, het tweede album van de gelegenheidsband. Hoe mooi de jongensdroom ook is, het project verloopt niet helemaal vlekkeloos. Zoals dat hoort bij de blues.

“We’ll call you”

Aan het begin van de documentaire zien we Lohues met zijn neef het parkeerterrein van de studio oprijden. “Volk!,” roept hij op zijn Drents, terwijl hij op de deur van het pand klopt. Het blijft stil aan de andere kant van de deur en Lohues loopt met zijn gezelschap naar binnen. “D’r is nog nie vulle he?” vraagt hij vertwijfeld terwijl er in het pand inderdaad niemand te bekennen is en er ook geen apparatuur aanwezig is die misschien verraadt dat de muzikanten in afwachting van Lohues maar even naar het café zijn gegaan. Na een telefoontje blijkt inderdaad dat er nog niemand van de muzikanten onderweg is naar de studio. Er wordt beloofd dat het allemaal geregeld wordt en Lohues maar moet wachten op hun telefoontje. Dag na dag wacht hij, zonder dat de telefoon gaat. Hoogste tied veur de blues.

Vervelend voor de Drentse muzikant, maar het biedt documentairemaker Paul Ruven mooi de gelegenheid om met Lohues de Mississippi delta te gaan verkennen, wat natuurlijk naast mooie beelden al even schitterende verhalen oplevert. Zoals de ontmoeting met T-Model Ford, de oudste nog levende blueslegende.[1] Jack Daniels drinken, verhalen over steekpartijen en gitaarspelen op de stoep voor het huis, dichterbij de blues kom je niet. Ik vraag me af hoe de documentaire was geweest als alles wel volgens plan was gelopen, want als Lohues vier dagen later nog niks heeft gehoord van de andere bandleden heeft hij met Ruver al wel een bezoek gebracht aan Tony Joe White, piano gespeeld in een verlaten en vervallen plattelandskerkje en het graf van Robert Johnson bezocht.

Ja boeh

Op de zevende en laatste dag van zijn reis wordt er dan eindelijk toch gespeeld. Een telefoongesprek van de studio-eigenaar doet vermoeden dat ze het allemaal niet zo serieus nemen en dat dat wellicht de reden is voor de lakse houding van alle anderen bij het bluesproject betrokken zijn:

 “ A Dutchman, that’s wanting to do a blues album.”
“…”
“Yeah, I think he’s a rock and roller, you know, but…” [schiet snotballetje weg]
“…”
“No, he’s white.”

Zodra dan eindelijk alle muzikanten zijn op komen dagen, blijkt al snel hoe menens het voor de Drent is. De Amerikanen spelen alsof ze nooit anders doen (doen ze ook niet natuurlijk), terwijl Lohues en Geerdink de boel gelijk op slot draaien en laten horen wat nou precies de bedoeling was van dit project. Nummers als ‘Stiekemste Verdriet,’ ‘Ja Boeh’ en ‘Wachten Op ’N Hittegolf’ klinken direct als onvervalste bluesklassiekers terwijl het Drents een perfecte taal blijkt om de blues te bezingen.

A’j diep, diep in de shit zitt’n
Tot an de nekke in de drek
As ’n dolk, hiet van de helle
Joe zes maol in de rugge stek
Dan is ’t hoogste tied veur de blues

De complete essentie van de blues in een couplet, ik vraag me af of dat in het ABN was gelukt; de B uit die afkorting is toch iets wat niet bepaald bij de blues past. De rauwe, bijna grommende klanken van het Drents, of eigenlijk het Nedersaksisch in het algemeen, lenen zich daar naar mijn idee toch beter voor. Bij blues horen geen ellenlange teksten of hoogdravende metaforen, liever zo snel mogelijk met weinig woorden en gitaar naar de kern van de zaak. Een eigenschap die vooral ten oosten van de IJssel wordt gewaardeerd en gezien het succes van Lohues & The Louisiana Blues Club eigenlijk ook wel in de rest van Nederland. De band speelde uiteindelijk op het North Sea Jazz festival, waarmee Lohues de eerste Nederlander is die op elk van de drie grote festivals heeft gespeeld.[2] Momenteel is Daniël Lohues aan het toeren om zijn nieuwste album Gunder te presenteren. Ook prachtig, maar stiekem hoop ik toch dat hij zijn Louisiana Blues Club weer eens nieuw leven inblaast.

  1. [1]De exacte geboortedatum van James Lewis Carter Ford is niet bekend, maar wordt ergens rond 1920 geschat.
  2. [2]De andere twee zijn Pinkpop en Lowlands.

Tags: , , , , , , ,

-->