nummer van 20/07/2011 door

‘Born to be wild’ van Wilson Pickett

Geen moeite met een potje hardrock

Wilson Pickett – Born To Be Wild

De man achter dit blog, Gijs, heeft al eens verteld over Wilson Picketts plaat Hey Jude. Natuurlijk wordt Pickett daarop bijgestaan door de crew van de Muscle Shoals Sound Studio, die hem regelmatig begeleidde. Maar opvallender aan dat album is dat het doordrenkt is van blueslicks die maar uit de vingers van één man kunnen komen: Duane Allman, die indertijd als sessiemuzikant in de studio werkte. Nou is Hey Jude jammer genoeg niet de hoogvlieger die je eigenlijk verwacht als je de drie zojuist genoemde ingrediënten bij elkaar optelt. Toch leverde de plaat wel een paar bijzondere liedjes op: de eerder op dit blog genoemde cover van Hey Jude’, én de opgevoerde en swingende versie van Born to be wild’ van motorrockers Steppenwolf.[1]

Op dreef

Een paar rake klappen op de snare en het nummer begint. Allman leidt het liedje nog in met drie een beetje zwierige tonen omhoog en weer omlaag, maar het is met de stuwende bas, het orgeltje en de harde, swingende drums onmiddellijk menens. Pickett doseert het eerst deel van het couplet nog met harde en zachte zinnen. Maar zodra het tweede deel van het couplet aanbreekt – “Yeah baby gonna make ya happen” – horen we al een beetje waarom Pickett een van de “toughest soul shouters of his time” wordt genoemd. De blazers die daarop (0:21) invallen, sporen Pickett, de rest van de Muscle Shoals-mannen en Allman aan om absoluut niet te verzwakken.

Eerlijk is eerlijk. Ik vind Allmans noten niet overal even goed vallen. Vooral wat hij rondom de blazers doet (zoals rond 0:21 te horen), vind ik niet zo cool. Ik had daar mezelf in dienst van de blazers gesteld en keihard de tonen meegespeeld met het koper. Maar goed, het is Allman, en zijn slechtste gitaarlick is duizend keer beter dan mijn allerbeste riffje, gespeeld op mijn allerbeste dag.

Tijd voor de drummer

Wilson Pickett en Duane Allman, 24-11-1969, Muscle Shoals, Alabama. Foto: Michael Ochs

Mijn favoriete moment in het nummer is het volgende: Twee keer wordt het refrein gespeeld – “Booooooorn to be wiiihiild” – en telkens pikt drummer Roger Hawkins in het tweede stukje weer het ritme op om zo niks van de genoemde snelheid te verliezen en niemand een moment van rust te gunnen. In het eerste refrein doet hij dat nog wat losjes, rustig. Er is nog een heel nummer te gaan, hoor ik hem denken. Maar als hij dat trucje herhaalt in het tweede refrein (2:13) breekt de hel los. Zo hard, zo wild, zo swingend! Picketts hoge schreeuw die daarna het einde van het nummer inluidt, maakt het helemaal af.

Het nummer is een mooie les in hoe je van een hardrockhit een ongemeen felle en swingende soulstamper weet te smeden. Een geslaagde cover, al vind ik zelf. En het smaakt eigenlijk naar meer. Toen ik laatst weer eens ‘Word’ hoorde van The Beatles (van het album Rubber Soul) probeerde ik me voor te stellen hoe dit geklonken zou hebben als Pickett (gestorven in 2006), Allman (gestorven in 1971) en de Muscle Shoals-crew zich hieraan hadden gewaagd. Ik hoor die Roger Hawkins de fills al doen. Prachtig.

  1. [1]De originele versie

Tags: , , , , , ,

-->