nummer van 02/07/2011 door Gijs Wilbrink

‘Look At Your game, Girl’ van Charles Manson

Het Liedje prevaleert

Hoe luister je naar de muziek van de duivel? Ongetwijfeld met argusogen (of oren in dit geval). Maar wat als die muziek nu heel erg goed is? Moeten we iedere artiest zomaar een hand boven het hoofd houden en alles wat diegene op zijn kerfstok heeft compleet vergeten, wanneer we een aantal klanken horen die ons bevallen? Als dat zo was, dan had ook niemand gemaald om Kanye Wests nog immer belachelijke uitspatting op de VMA Awards in 2009. Nee, weinig mensen kunnen zeggen dat ze zonder enig dubbel gevoel kunnen luisteren naar de muziek van een artiest die zij om bepaalde redenen bijzonder onsympathiek vinden, of misschien zelfs wel verafschuwen. Charles Manson is hier een extreem voorbeeld van. De leider van een hippiesekte die verantwoordelijk is voor de moord op tenminste zes mensen, was stiekem een begenadigd singer-songwriter. “Nou en?”, zul je zeggen, “welke gek luistert daar nou naar?”. Goed punt, maar op nummervandedag prevaleert Het Liedje nu eenmaal. Onvoorwaardelijk? We gaan het zien.

Toen Manson in 1967 zijn gevangenisstraf voor een onbenullig misdrijf had uitgezeten, had hij vooral één grote wens: hij wilde een gevierd muzikant worden. Hij verhuisde naar San Francisco, legde een aantal nummers op een gebrekkige taperecorder vast, en netwerkte ijverig. Zo kwam hij onder andere in contact met The Birds-producer Terry Melcher en Neil Young, die erg te spreken was over Manson’s muzikale kwaliteiten:

He had this kind of music that nobody else was doing. I thought he really had something crazy, something great. He was like a living poet.

Bevriend met The Beach Boys

Daar staan ze dan, gezellig met zijn tweetjes

Ook ontmoette Manson Beach Boys-drummer Dennis Wilson, waarmee hij eindelijk de jackpot te pakken had: de twee werden dikke vrienden en Manson trok zelfs bij Wilson in. De twee hadden een bizarre vriendschap. Charles regelde drugs en gewillige hippiemeisjes voor Dennis. In ruil daarvoor hielp Dennis Charles met zijn muzikale aspiraties. Zo heeft Manson een dag opgenomen in de studio van Brian Wilson en hebben de Beach Boys zelfs een nummer van hem gecoverd. Ze hoopten Manson een financieel duwtje in zijn rug te kunnen geven, door zijn ‘Cease to exist’ op te nemen en hem te laten profiteren van de royalties. De tekst werd veranderd (‘Cease to exist’ klinkt natuurlijk veel te luguber voor een Beach Boys-track) en het liedje werd als ‘Never learn not to love’ als single uitgebracht. Manson werd op de single vermeld als mede-auteur. Op de albumversie, die pas volgde nadat Manson in verband werd gebracht met de gruwelijke moorden, wordt hij natuurlijk niet meer genoemd. De connectie met Charles werd door de Beach Boys in de doofpot gestopt.

‘Cease to exist’ van Charles Manson

‘Never learn not to love’ van The Beach Boys

Manson ontspoort

Manson was zelf echter helemaal niet zo blij met ‘Never learn not to love’. Hij was furieus dat de Beach Boys zijn tekst hadden veranderd en reageerde buitensporig agressief tegen Dennis Wilson. Dit was voor Wilson aanleiding om de vriendschap te verbreken. Manson was een mafkees, dat was wel duidelijk. Iemand die gemeden moest worden. En dus vertrok Wilson uit zijn eigen huis en liet hij Manson in zijn eigen sop gaarkoken. Uiteindelijk werd deze door de huurbaas uit huis gezet. Manson vertrok naar een ranch op het Californische platteland, nam allerlei onnozele hippies mee en hield ze met drugs en manipulatietechnieken in de ban. Vanaf dat moment ging het snel bergafwaarts met Manson en de zombies die zich zijn family noemden. Manson noemde zichzelf God, Jezus en Satan tegelijk. En zijn gevolg ging daarin mee. Uiteindelijk zou dit leiden tot de bekende moorden in de rijke buurten van Los Angeles in augustus 1969, waar ook Sharon Tate, vrouw van regisseur Roman Polanski, slachtoffer van werd. Manson was zelf overigens niet aanwezig bij deze acties, maar wordt wel gezien als het kwaadaardige brein erachter.

De release van zijn eerste album

De nummers die Charles in 1967 op de eerdergenoemde brakke taperecorder opnam, zijn tot op het moment van zijn arrestatie slechts door een klein aantal mensen gehoord. Toen hij in 1970 moest betalen voor zijn verdediging tijdens de rechtzaak, werd de geldnood echter hoog en besloot hij het album uit te brengen. Grote platenmaatschappijen waren uiteraard niet geïnteresseerd, dus deed hij het zelf. Het album Lie: the love and terror cult bracht meer dan genoeg op voor zijn rechtzaak, maar uiteindelijk mocht het niet baten. Manson werd terecht in de gevangenis gegooid en zit er tot op de dag van vandaag nog steeds in.[1]

Heel bijzonder is het album niet. De hoes is een snel in elkaar gezette parodie op de voorpagina van een LIFE Magazine-editie die met een bericht getiteld The love and terror cult over de Manson family berichtte. De ‘F’ van LIFE is weggephotoshopt (avant la lettre), waardoor de albumtitel Lie: the love and terror cult ontstond. De muziek is over het algemeen goed, aardig, maar niet fantastisch. Nummers als ‘Ego’ en ‘People say I’m no good’ liggen in de lijn der verwachting: je hoort Manson als miskende outcast en ziet een glimp van zijn gestoorde gedachtekronkels. Het selecte, onverschrokken clubje dat daar überhaupt op zit te wachten komt van een koude kermis terug, want het zijn geen geweldige liedjes.

Look at your game, girl

Nee, doe mij dan maar de nummers waarop Manson klinkt als een normaal mens. Iemand met empathisch vermogen, iemand die lief kan hebben. Hij kan dit bijzonder goed acteren, want een liedje als ‘Look at your game, girl’ is fan-tas-tisch. “Can you feel? Are those feelings real?”, vraagt hij op 0:17 aan de vrouw die hij bezingt. Hij kan die vraag evengoed aan zichzelf stellen. Hoe oprecht is hij? Je hoort hier in ieder geval niets terug van de mafketel die we op beeld alleen maar onzin hebben zien uitkramen. Je hoort een mooi folknummer, met een bijna latin-achtige swing. Je hoort een tekst die compact en to the point is en je ook nog weet te raken. Je hoort een zanger die warm en zuiver klinkt, alsof hij al jaren in nachtclubs op het podium heeft gestaan. Zijn akoestische gitaar klinkt zo krakkemikkig als maar kan, maar die stem verbloemt dit alles. Een man die het gebroken hart bezingt, verontwaardigd dat een meisje hem niet de liefde kan geven die hij denkt te verdienen. Je vergeet heel even naar wie je eigenlijk zit te luisteren. Het is waar: het liedje prevaleert.

Dit vond Axl Rose overigens ook. Hij nam het nummer in 1993 op als bonustrack op Guns N’ Roses’ The spaghetti incident. Onder hevig protest van zijn bandleden, die dit echt niet vonden kunnen. En dus hoor je op deze cover alleen Axl, zonder Slash, Duff en de rest. Voor diegenen die toch niet naar Manson’s versie kunnen luisteren, is het een prima alternatief.

  1. [1] Manson maakt overigens nog steeds muziek, en heeft vorig jaar zelfs een nieuw album uitgebracht op het hardcore label Holy Terror Records. Naar het schijnt zijn de liedjes opgenomen op een  binnengesmokkelde smartphone in zijn cel.

Tags: , , , , , , , ,

Reacties

Leave a Reply

-->