nummer van 28/12/2013 door

‘No Mercy’ van Nils Lofgren

samen goed, solo goed

Nils Lofgren – No Mercy

Eindeloos YouTube-filmpjes doorspitten op de mooiste live-uitvoeringen van liedjes, wie houdt er niet van? Minder mensen zullen de comments die onder een video staan bekijken, laat staan grondig lezen, maar ik kan je vertellen, ook dát biedt vreugde en vertier. (En ergernis, als je niet op tijd stopt, maar ergernissen stemmen vaak ook vrolijk.) Terwijl ik een slechtgefilmd concert bekeek van Nils Lofgren scrollde ik als vanzelf naar beneden, naar de wereld der anonieme commentaren. YouTube plaatst de meest recente of meest populaire reactie bovenaan en zo kwam het dat ik de reactie van ene ‘hansiutub’ op Lofgrens ‘No Mercy’ las, van nog geen maand geleden. ‘hansiutub’ begon het bericht zoals bijna alle YouTube-comments eigenlijk beginnen: “Iemand zegt hier… MAAR DAT IS NIET WAAR, WANT …”:

‘Iemand’ heeft in de comments gezegd dat E Street Band-gitarist Nils Lofgren wordt onderschat. Dat ie wordt ondergewaardeerd. ‘hansiutub’s eerste uitspraak is eigenlijk best herkenbaar. Ik durf te beweren dat meer dan de helft van de stukken op dit blog vanuit die gedachte zijn geschreven. Vanuit de idee dat een bepaalde artiest ondergewaard is en nu toch echt, middels een van zijn/haar beste liedjes, aandacht behoeft. We zijn ervan overtuigd dat veel mooie muziek onder de radar blijft; lezers en luisteraars willen we constant op nog onontdekte, of op zijn minst te weinig beluisterde liedjes wijzen. Welke nummer stond op nummer 101, als je de Top 100 erbij pakt? Welke nummers haalden de Top 2000 níet, en waarom? Welk briljant stuk muziek uit een voorgaand decennium zagen we over het hoofd? Iedereen die van muziek houdt, die wordt geleefd door muziek, heeft er last van, van een meer dan dringende behoefte om als zonen en dochters van Columbus te grasduinen door de muziekgeschiedenis, waarbij oude parels (her)ontdekken minstens zo belangrijk is als het benoemd worden tot ontdekker van dat ene obscure liedje dat nooit onderschat had mogen worden.

Onze vriend ‘hansiutub’ moet er niets van hebben. Die snapt ons misplaatste medelijden met zogenaamd onderschatte artiesten niet, en illustreert dat aan de hand van menig uitroep- en vraagteken. Tja, wanneer bén je eigenlijk een onderschat artiest? Als je talentvol bent maar het nooit verder hebt geschopt dan straatmuzikant? Als je nooit een Grammy of Edison kreeg, terwijl iedereen in je vakgebied je dat zo gunde? Als je na je dood pas wordt geëerd om je bijdrage aan de muziekindustrie? Of als je noodgedwongen achtergrondzangeres bent gebleven, zoals Merry Clayton, terwijl je echt wel meer in je mars had? De recent uitgekomen muziekdocumentaire 20 Feet From Stardom schetst een beeld van artiesten die altijd in de schaduw zullen staan van wereldsterren, die nooit controle zullen hebben over hun plek op de bühne. Impliciet stelde diezelfde film vervolgens: je hebt meer nodig dan alleen een goede stem, er komt zoveel meer bij kijken, niet iedereen kan op de voorgrond staan. Niet iedereen kan de ster zijn.

Nils Lofgren is gitarist in de E Street Band, frontman Bruce Springsteen steelt nagenoeg de show. Hij had vanaf het begin alles om een ster te worden, zo is het gewoon. Of Nils Lofgren vanwege dat gegeven ondergewaardeerd wordt, is lastiger te bepalen. Hij speelt notabene met Bruce Springsteen, en Neil Young! – aldus ‘hansiutub’. Dat klopt, hij staat er maar mooi en wij, inclusief ‘hansiutub’, niet. Had Lofgren eigenlijk ambitie om een ster worden? Nu ja, sinds 1975 maakte hij wel meer dan vijfentwintig soloplaten. Dat weinig mensen dat weten moet ‘hansiutub’ jammer vinden, wat hij ook zegt, en dat is het ook. Na God, Bruce en Neil komt immers Nils Lofgren, een positie waar menig muzikant jaloers op kan zijn.

Op welke plek hij staat, vierde of tweeëntachtigste, het doet me niets. Misschien omdat ik de bandleden van de E Street Band zie als een organisch geheel, als een elftal dat samen omstandigheden creëert waarin de spits kan schitteren. De bandleden schitteren vervolgens samen, maar staan ook op zichzelf. Elk individu levert een unieke bijdrage. Bijna alle E Street Band-leden hebben solo-albums uitgebracht die, uitzonderingen daargelaten, stuk voor stuk meer dan de moeite waard zijn.

Het akoestische livealbum van Nils Lofgren, Acoustic Live (1997), is een uitschieter. Zijn nummers rocken akoestisch eigenlijk nog harder dan in hun normale versies. Ik zag Lofgren bij het oudere beeldmateriaal van de E Street Band altijd als een soort mini-Bruce (zie afbeelding hiernaast), maar dat is natuurlijk volkomen onterecht. Nils Lofgren is enkel in zijn soort: een ontzettend begaafd gitarist, zanger en songwriter. Zijn sympathieke, lichte stem klinkt vooral erg prettig, maar heeft ook het vermogen je te ontroeren. En vergis je niet, Nils Lofgren is een rocker. Als je zelfs akoestisch zo enthousiast raakt bij het spelen van een nummer dat je het niet kan laten om “look out!” te schreeuwen vlak voor een solo (rond 2:00), dan ben je een rocker. Een rocker die de voorgrond opeist. Een rocker die moeiteloos overeind blijft in dit anthem. Het is moeilijk om niet keihard met gebalde vuisten het refrein mee te zingen achter je computer. Hoe toepasselijk ook, het nummer gaat over de nobele sport van het boksen. Als Nils Lofgren al wordt ondergewaardeerd, dan kan het hemzelf niets schelen; hij speelt toch wel. Aan ons om simpelweg te luisteren.

Cry no mercy, no quarter
No place to hide for me or the man
Right and wrong never came in harder
No mercy, take it while you can
No mercy, take it while you can

Tags: , , , , , , , ,

-->