nummer van 14/12/2014 door Rocco Ostermann

‘Are You Experienced (live)’ van Jimi Hendrix

Fear and loathing in de Achterhoek

Gastblogger Rocco Ostermann is er maar druk mee. Eerder dit jaar bracht de zanger/gitarist met Shaking Godspeed één van de beste Nederlandse rockplaten van het afgelopen decennium uit, en aanstaande donderdag presenteert zijn band Donnerwetter alweer haar eerste album in de Luxor Live in Arnhem. Tussendoor schrijft hij. Het liefst mooie anekdotes, zoals vandaag op Nummer Van De Dag. Zijn eerste keer Jimi Hendrix ging gepaard met zijn eerste keer waterpijp. Fear and loathing in de Achterhoek.

Jimi Hendrix – Are You Experienced

De redenen waarom ik als tiener gitaar wilde leren spelen zijn legio en tamelijk verschillend, en variëren van pussy magnet tot de kosmos willen splijten, of op je jankplank alle ellende d’r uit willen raggen, vanonder uit je zak met puberkloten. Het lag bij tijd en wijle ook wel een beetje aan welke offerandes ik de tempel, die mijn lichaam is, naar binnen bracht. Maar wat dat alles ook heeft moge betekenen, niets betekende voor mij zoveel, dan dit nummer van Nonkel Jimi. Van de live plaat The Jimi Hendrix Concerts (1982). Deze uitvoering van ‘Are you Experienced?’, die op een dag de atmosfeer van mijn 3-bij-4 kamertje bezwangerde met sekselektriciteit.

Jimi HendrixAls de dag van toen weet ik nog dat ik de naald op ‘t vinyl zette en een moment later dacht dat ik compleet werd weg geblazen, en dat was ook zo. Na anderhalve minuut kroop ik op handen en voeten door m’n kamer. Veel plaats was er niet om te kruipen, maar omdat ik tevens een kwartier daarvoor m’n eerste waterpijp had gerookt, dacht ik dat ik ergens op één of andere maan als een insterstellair insect rondkroop. Ik was óók nog onder de gierende invloed van een ontzettende lachkick en m’n voortanden zaten boven op mijn hoofd en ik kon er geen geluidje meer uitkrijgen. Door Jimi’s sonische oerknal én een tsjilm met Zwarte Afghaan kreeg ik een dubbele oplawaai en de kosmos spleet uiteen. M’n pa riep boos naar boven of er soms een ruimteschip aan ’t landen was, en dat vroeg ik mij eigenlijk zelf inmiddels óók wel af. De grond trilde, m’n neusvleugels klapperwiekten, m’n zintuigen stonden in maximum overdrive, en ik kreeg spontaan nóg meer haar op m’n scrotum. En wat later zong Jimi met die dopey stem van ‘m:

If you can just get your mind together
Then come on across to me
We’ll hold hands and then we’ll watch the sunrise
From the bottom of the sea

But first, are you experienced?
Have you ever been experienced?
Well, I have…

En ik geloofde Jimi Hendrikszoon natuurlijk. Ik zélf lag trouwens óók op the bottom, weliswaar op m’n met ketchup verrijkte, stoffige, doorrookte knapenkamertapijt, maar ik wist exactement wat die goddelijke guitarero bedoelde. Mijn pa werd steeds furieuzer. “Zet godverdomme #$^&*^&*&^ die kutherrie zachter!!!”, fulmineerde hij, staand onderaan de trap. Tsja, wist ik nog maar hoe! Ik was inmiddels naar een ander sterrenstelsel gekatapulteerd, en daar golden beslist andere wetten. Ik kon alle vragen beantwoorden over het leven, het heelal, en de rest, maar de pick up zachter zetten? Groovy goofy nog aan toe! Het doet me nu achteraf wel wat denken aan die sketch van een stonede Hans Teeuwen en zijn vader. ”BOOM… Mooie BOOOOOM… Met TAKKE”. Het was nog een mirakel dat ik mijn verwekker überhaupt kon horen. Da’s tot op de de dag vandaag een raadsel voor me gebleven. Misschien Carlos Castaneda maar eens mailen. Oók bleek dat ik ‘t raam open had staan, dus in de buurt dachten ze eveneens dat er wellicht een aanval met scudraketten aan de gang was. Oei, kwam m’n pa naar boven…?

conc_0001

The Jimi Hendrix Concerts

En toen kwam de solo. Zijn Marshall versterkers stonden op 11. Hij liet de eerste toon nog wat losjes wiegen en de lengte gaf al aan dat ‘ie er gevoel voor had die avond. Voor de ruimte, en de zaal had óók ’n puike akoestiek. Hij plukte ’t uit de lucht, z’n stratocaster bevuurwerkte de stratosfeer, flash, flash, en de gehele zodiak sloeg massaal op de vlucht. Hij feedbackte tussen micro- en macrokosmos, to hell and back again. Hij bedreef de tremololiefde met zijn gitaar en via oosterse duikvluchten accelereerde hij tot een biddende vuurvogel die Icarus onderscheet met lachgas. Hij liet m’n psycho-potmeters uitslaan tot diep in ’t rood. Ik liftte mee op de staart van een komeet en zat compleet opgesloten in de klank, en kon er niet meer uit. Knock out. En toen kwamen de laatste tonen. Na een ruimtereis kwamen de tonen weer brandend richting aarde en als B-52 bommenwerpers vermorzelden ze alles wat er nog was en de gepatenteerde Hendrix napalm verschroeide de rest. Nog een laatste ruk aan de tremolostuurknuppel, één finale doffe knal, knetterend applaus, en waar was ik? Intens van de kaart, net zoals André Kuipers vorig jaar uit z’n capsule werd gehesen, en amper nog zijn ledematen kon bewegen.

Mijn pa is uiteindelijk niet naar boven gekomen, ondanks dat naast bovenstaand relaas, de bovenverdieping van ’t huis geroken moet hebben alsof Bob Marley op de barbecue lag.

Tags: , , , , , ,

nummer van 13/12/2014 door

‘Let’s Just Fuck For Christmas’ van Bantam Rooster

Fairytale of Michigan

Bantam Rooster – "Lets Just F*ck For Christmas"

Het mag weer. Kerstmuziek. Ik betrap mijzelf erop dat ik ‘s ochtends in de file niet meteen op zoek ga naar een andere zender wanneer ik de kerstbelletjes op SkyRadio langs hoor komen. Natuurlijk, ook ik schreeuw tegen mijn radio wanneer dat verschrikkelijke nummer van Chris Rea voorbij komt. Mariah Carey zet ik ook niet harder maar Band Aid, The Pretenders en Slade worden uit volle borst meegebruld. Het is dus niet zo dat ik uit diepgewortelde ontevredenheid over het huidige radioaanbod nu een hip alternatief kerstliedje heb uitgekozen.

Flying Bomb

De mensen achter Flying Bomb Records hadden daarentegen daadwerkelijk weinig op met de kerstmuziek op de radio. Het garagepunk-label uit Michigan kwam daarom op het lumineuze idee om de bands uit eigen stal en staat te vragen om een razend kerstnummertje op te nemen. In de jaren 90 verschenen drie edities van de serie ‘Suprise Package’ waarop deze garage-kerstrockers verzameld werden. Het zal net na kerst zijn geweest toen ik in Nijmegen, van de merchtafel van The Dirtys, het eerste deel oppikte. In eerste instantie vanwege The Dirtys die op een koude maandagavond in januari de oude Doornroosje in vuur en vlam zette.

Gourmetsessies

bantamEchter, de echte hit stond op de andere kant. Het duo genaamd Bantam Rooster, bestaande uit Thomas Jackson Potter en Eric Cook, overdonderde met de orgelgedreven garagefuzz-kraker ‘Let’s Just Fuck For Christmas’. Het laat zich raden dat dit nummer niet de meest geschikte achtergrondmuziek is voor een gezellige gourmetsessie met je familie maar wel ideaal is voor een pitje in de kroeg op derde kerstdag. Een Bantam-kip is overigens klein pluimvee dat bijzonder agressief reageert wanneer zijn of haar kuikens worden bedreigd.

You’re a bum, you’re a punk

Even weer terug naar The Dirtys, die met ‘Cocaine Christmas’ ook een mooie bijdrage leverden aan het kerstgevoel. De band bracht in korte tijd twee singles en het fantastische album You Should Be Sinnin’ uit in diens korte bestaan. Helaas zorgde een vroegtijdige dood van zanger en gitarist Larry Terbush aka Larry Dirty ook voor een vroegtijdig einde van de band. Dit einde arriveerde niet dankzij het gebruik van cocaïne tijdens de kerstdagen, waar in Amsterdam tegenwoordig voor gewaarschuwd wordt. Larry hield net iets te veel van alcohol, wat hem dan ook fataal werd. Voor hem draaien we deze kersthit:

The Pogues Featuring Kirsty MacColl – Fairytale Of New York (Official Video)

Tags: , , , , , , , , , , , , ,

Prince, Tom Petty, Steve Winwood, Jeff Lynne and others — "While My Guitar Gently Weeps"

Op de uitmuntende Amerikaanse muzieksite Rock Town Hall wordt regelmatig het spelletje licks, faces, feel gespeeld. Een video van een gitaarsolo (liever nog: een gitaarduel) wordt beoordeeld op de virtuositeit van de gespeelde harmonieën (de licks), de vaak overdreven machobewegingen en stoere gezichten van de gitarist (faces) en het gevoel dat in de solo wordt gelegd (de feel). Hoe koddig ook, het blijken handige criteria om een gitarist te beoordelen, omdat de methode in het midden laat wat er nu het allerbelangrijkst aan een goede gitaarsolo is. Serieuze muziekliefhebbers kunnen maar moeilijk kiezen tussen gevoel of virtuositeit, terwijl ze de showmanship bijna collectief links laten liggen. Maar wie heeft er nu zin in een saaie gitarist? Zelfs B.B. King, de man die in elke toon een wereld van gevoelens en dromen kan leggen, beluisteren we toch het liefst met beeld erbij, waarop we kunnen zien hoe hij in een comfortabele stoel gelukzalig zijn oogleden laat zakken en zijn mondhoeken omhoog laat krullen. Nou dan.

Rock Town HallOnmisbaar in iedere licks, faces, feel-discussie op Rock Town Hall: de Prince-reactie. Hoe goed een gitaarsolo ook op de verschillende criteria wordt beoordeeld, er is altijd een reactie van een bezoeker die beweert dat de solo van Prince in ‘While My Guitar Gently Weeps’ op alle fronten beter is. Gek genoeg kreeg de bewuste solo op Rock Town Hall nooit de eer van een degelijke analyse.

Die mythische solo vond plaats in 2004. George Harrison werd postuum toegevoegd aan de Rock ‘n’ Roll Hall of Fame en, aangezien hij er zelf niet meer was om op te treden, bracht een allstar-band (Tom Petty, Jeff Lynne, Steve Winwood)  een ode aan hem met ‘While My Guitar Gently Weeps’. Het werd een saaie uitvoering. Geen van de zangers leek er echt vooruit te branden en de begeleiding kabbelde plichtmatig voort, waarbij het leek of de muzikanten iedere maat iets blijer werden dat het einde in ieder geval vier tellen sneller in zicht was, hoewel die blijdschap op geen van de gezichten was af te lezen. Maar op het moment dat Prince naar voren stapt slaat de sfeer om. Vol zelfvertrouwen begint hij aan een solo waarvan iedere seconde lijkt uitgedacht, zowel qua licks als faces en feel. Lees en luister mee, het liefst drie keer: één keer zonder beeld (voor de licks), één keer zonder geluid (voor de faces) en één met beiden (voor de feel).

3:30 – 3:40

  • Licks: Prince speelt een aantal losse noten met een prachtige sustain.
  • Faces: het standaard ‘ik ruik iets vies’-gezicht. Een klassieker onder gitaristen die hun licks en feel op subtiele wijze meer kracht willen bijzetten. Hij houdt zijn beide benen stijf naast elkaar op de grond, staat fier overeind. Een brok charisma.
  • Feel: hoe minder noten, hoe meer feel. Een vuistregel waar iedere gitarist zich onbewust aan houdt, en in dit fragment wordt het opnieuw bewezen. Met gesloten ogen laat Prince iedere lang aangehouden toon tellen.

3:43 – 3:53

  • Licks: het spel wordt virtuozer. De noten volgen elkaar sneller op, perfect getimed en foutloos.
  • Faces: aan het repertoire wordt een aantal gekke bekken toegevoegd. Mag.
  • Feel: Prince lijkt zich wat meer bewust van zijn omgeving te worden, gooit zijn schouders in de strijd en laat zijn techniek voor zich spreken. Een weinig gevoelig fragment, maar daarom niet minder vermakelijk.

3:53 – 3:57

  • Licks: even niets.
  • Faces: even van alles. Herinneringen aan Michael Jacksons ‘Smooth Criminal’ schieten door je hoofd wanneer het lichaam van Prince steeds diagonaler gaat staan, leunend tegen een niet bestaande muur, niet gehinderd door zwaartekracht of andere beperkingen van deze wereld.
  • Feel: met iedere tel voel je zijn zelfvertrouwen groeien, wordt hij meer één met zijn gitaar. Elke noot is raak.

4:00 – 4:05

  • Licks: een aantal perfect getimede hammer-ons en pull-offs.
  • Faces: een klassieker, de gitaar rechtop leunend op zijn heup. Een iconisch beeld dat versterkt wordt door zijn kekke, rode hoed en het matchende shirt.
  • Feel: door de subtiele showmanship van dit fragment is er wat meer ruimte om stil te staan bij wat er gespeeld wordt.

4:05 – 4:10

  • Licks: Prince stapt over op de metal. Het staat hem goed.
  • Faces: voor het eerst laat hij de licks écht even voor zichzelf spreken en houdt hij zijn lichaam rustig, hoewel zijn gezicht meetrekt met elke handbeweging.
  • Feel: dit is geen moment om je ogen bij te sluiten en overspoeld te worden door gevoelige muziek. Hier wordt gerockt. En goed ook.

4:10 – 4:17

  • Licks: na de metal-uitbarsting is het weer tijd om op adem te komen.
  • Faces: dito.
  • Feel: wederom gaat de vuistregel ‘minder noten, meer gevoel’ op; vooral de slide op 4:15 is mooi. Zijn hele lichaam is zijn instrument. Alles is één flow, één beweging.

4:17 – 4:32

  • Licks: het thema van het begin wordt herhaald in een hoger register. Wat eerst leek op een bloemlezing uit de stoerste gitaarriffs van Prince begint zowaar vorm te krijgen.
  • Faces: waar te beginnen? Het lekker meegrooven door de knieën krijgt een tien. Daarna op 4:27 de blik naar Tom Petty die zegt “heb je wel door dat ik op dit moment volledig sta te heersen?” en dan de prachtige finish op 4:30. Wat een move. Er zou een woord voor moeten zijn.
  • Feel: vooral aan het begin, voordat de ogen van Petty worden opgezocht, is dit een perfecte combinatie van licks, faces en gelukkig ook feel.

4:34 – 4:45

  • Licks: Prince werkt naar een climax toe met nonchalant gespeelde maar supersnelle zestienden, hammer-ons en pull-offs.
  • Faces: de serie perfect uitgevoerde rockmoves wordt doorgezet met onder andere een Jimi Hendrix-referentie waarbij Prince zijn gitaar optilt en je even het idee hebt dat hij met zijn tanden gaat spelen. Gelukkig heeft hij iets originelers in petto.
  • Feel: je ziet het aan de manier waarop zijn gezicht vertrekt, zijn mond open blijft staan, zijn borstkas hevig op en neer beweegt. Hier is niets aan geacteerd, de gitarist hapt naar adem. Dit is waar live muziek om draait: het moment dat muzikanten boven zichzelf uitstijgen en zelf niet helemaal meer geloven wat er gebeurt. Hier gaan virtuositeit en gevoel hand in hand, hier versterken ze elkaar. En dat is heel, heel zeldzaam.

4:45 – 4:55

  • Licks: de solo klimt iedere maat omhoog, jankend als een kat.
  • Faces: Prince laat zich vallen in het publiek en wordt door iemand weer rechtop gezet. Dit alles met een kalmte die uitstraalt dat het hem zonder het publiek ook wel gelukt was om overeind te komen. Georges zoon Dhani Harrison, de gitarist op de achtergrond, gelooft zijn ogen niet en schiet in de lach.
  • Feel: aan de combinatie van virtuositeit, entertainment en gevoel wordt het enige element toegevoegd dat nog miste: plezier. Dhani Harrison heeft zichtbaar de tijd van zijn leven. Eventjes is de solo niet meer alleen van Prince, en eventjes zijn de rest van de muzikanten niet meer zijn luttele minions. Waar het nummer begon als een uitvaart, staat iedereen nu te genieten alsof er een bruiloft wordt gevierd. En dat dankzij een gitaarsolo.

upprinceZo gaat het nog ruim een minuut door met de kunsten van Prince. Het mooist is misschien wel het eind van het nummer: helemaal sufgespeeld gooit hij zijn gitaar in de lucht. Geen klein worpje zoals veel gitaristen wel eens proberen, maar zeker een meter of drie omhoog. Keihard, richting George Harrison. Of hij op het balkon wordt opgevangen zien we niet. Of hij verdwijnt in de lucht ook niet. Prince maakt het allemaal niets uit. Schouderophalend verdwijnt hij van het podium, wetend dat hij net iets heeft gespeeld waarover het internet tien jaar later nog niet uitgepraat zal zijn.

 

Tags: , , , , , , , , ,

nummer van 11/12/2014 door

‘Two Weeks’ van FKA twigs

Verontrustend maar ook sensueel

FKA twigs – Two Weeks

Wat een nummer en wat een clip. In eerste instantie denk je: Heb je weer zo’n r&b-liedje. Maar al snel valt op dat het allemaal wat gekker in elkaar zit dan het doorsnee zwoele hitje. Het nummer is gelardeerd met atypische kraakjes, de zang is soms wat moeilijk en staccato, en op het eind zit het op het eerste gehoor nogal zijige nummer helemaal vol geluidjes waardoor het eerder verontrustend maar ook wel sensueel klinkt.

En dan de clip. De dikke vier minuten die het nummer duurt, zoomt de camera langzaam uit om pas op het einde het volledige tafereel te onthullen. De eerste keer dat ik keek, bleef ik voor de volle 4:14 minuten geboeid kijken. Alles in de clip maakte dat ik eigenlijk pas iets anders ging doen toen het nummer voorbij was. Ook wel omdat de zangeres bloedmooi is, eerlijk is eerlijk.

FKA twigs

Die zangeres heeft FKA twigs. Martijn tipte haar al eens in dit stuk. De Londense wordt over een maand 27 jaar oud en heet in het echte leven Tahliah Debrett Barnett. Zij is naar eigen zegge begonnen als iemand die Siouxie of Adam Ant na-aapte. Daar hoor ik in dit nummer zo een, twee, drie niet veel van terug. Met wat fantasie kun je zeggen dat de beklemmende sfeer doet denken aan Siouxie. Maar dat is te makkelijk. Er zijn wel meer artiesten en componisten die een beklemmende sfeer neerzetten, zonder dat het iets te maken heeft met FKA twigs. Catchy pop met gefluisterde zang, een beetje zoals Tricky, staat er op haar Wikipedia-pagina. Dat klopt eigenlijk wel.

FKA twigs in Philadelphia, november 2014. Foto: Molly Dauphin (bit.ly/1vFPN85)

FKA twigs in Philadelphia, november 2014. Foto: Molly Dauphin (bit.ly/1vFPN85)

Haar artiestennaam kreeg ze omdat ze altijd haar knokkels zo hard knakte. Wellicht klonk het als een bosje twijgen (twigs) dat je door midden breekt. Geen idee eigenlijk. FKA betekent niks minder dan formerly known as. Dat voegde ze toe toen een andere artiest die zichzelf Twigs noemde (waarom in hemelsnaam?) klaagde dat ze dezelfde naam hadden.

In dit geval trekt FKA twigs aan het langste houtje, want van die andere heb ik nog nooit gehoord.

‘Two Weeks’ staat op haar debuutplaat LP1 die deze zomer uitkwam. Haar eerste tour zit er net op. De wereld ligt dus nog helemaal open voor Thalia. Ik ben benieuwd of ze op een volgende plaat de stijl uit dit nummer (en plaat) weet te vermengen met haar oude voorliefde voor punk, Siouxie en industriële geluiden. Maar voorlopig heb ik nog wel genoeg aan alleen dit nummer.

Tags: , , , , , , , , , , ,

nummer van 10/12/2014 door

‘Keep On Keeping On’ van Curtis Mayfield

Een boodschap van pure hoop

Curtis Mayfield-Keep On Keeping On

“Keep on keeping on.” Vorige week nog hoorde ik iemand deze zin zeggen, bij wijze van succeswens. Hou vol met volhouden. Bemoedigend is het zeker, maar het is ook een zin die iets zegt over de situatie waarin volgehouden moet worden; het is niet de meest hoopvolle situatie en geloven in een goede ontknoping is blijkbaar niet voor de hand liggend. Toch doen. Ga door met doorgaan. Curtis Mayfields ‘Keep On Keeping On’ geeft je net dat zetje om de moed erin te houden.

‘Keep On Keeping On’ kwam in 1971 uit op Roots, het tweede solo-album van Curtis Mayfield. Mayfield was toen al jaren, al vanaf zijn kinderjaren eigenlijk, bezig met muziek. Zijn moeder had hem al op jonge leeftijd aangespoord zich te verdiepen in gospel en dat zal ongetwijfeld een van de redenen zijn geweest dat de 14-jarige Curtis al mee wilde zingen in verschillende groepen. Op zijn vijftiende voegde Mayfield zich bij The Roosters (later The Impressions), een doo-wop, gospel en soulgroep waarin twee van zijn schoolvrienden zaten. Hij bleef tot 1970 bij de groep, totdat hij solo verder ging. Oude opnames van The Impressions zijn geweldig om te horen; Mayfields karakteristieke stem is niet te missen.

The Impressions – Gypsy Woman (1961)

Nog tijdens zijn jaren bij The Impressions begon Mayfield afstand te nemen van Motown-groepen als The Four Tops en The Temptations waar The Impressions vaak mee werd vergeleken. Het was duidelijk dat hij een politieke boodschap wilde uitdragen met zijn muziek, één die de civil rights movement bijstond. In 1967 werd ‘We’re A Winner’ van The Impressions al een hymne voor de beweging. Solo ging Mayfield op deze koers verder en Mayfields muziek zou al snel synoniem komen te staan voor de black pride en black power-bewegingen. Artiesten als James Brown (‘I’m Black And I’m Proud’), Sly Stone (‘Everyday People’) en Sam Cooke (‘A Change’s Gonna Come’) stonden al aan Mayfields zijde, maar hij leek het met titels als ‘Move On Up’, ‘Keep On Pushing’ en ‘Keep On Keeping On’ vooral belangrijk te vinden een pure vorm van hoop in te blazen in diegenen die het hardst moesten vechten. Mayfield, de zanger met één van de zachtste stemmen, was niet stil te krijgen.

Everybody gather round and listen to my song, I’ve only got one
We who are young, should now take a stand
Don’t run from the burdens of woman and men
Continue to give, continue to live for what you know is right

Hoopvoller dan ‘Keep On Keeping On’ wordt het haast niet. Het is een liedje gericht aan de jonge generatie, een liefdevol verzoek om sterk te zijn en te blijven vechten voor gerechtigheid. De belletjes, het subtiele gitaargetokkel en de harp geven het liedje het perfecte sentiment; het is een vuist in de lucht en een aai over je bol. Mayfield gelooft in je en gelooft in de toekomst omdat hij toch nog “a lot of love among us” ziet die velen niet meer zagen. Op het ritme van de drums loop je als het ware vooruit, naar een betere plek. Je moet Curtis wel geloven: hou vol met volhouden.

Tags: , , , , , , , ,

King Gizzard & The Lizard Wizard – Cellophane [3D CLIP]

Een paar weken terug was ik op Le Guess Who, waar ik in een eerdere blogpost al reikhalzend naar uitkeek. Het was een overweldigend weekend waarin verwachte favorieten de show stalen (Bonnie ‘Prince’ Billy), sommigen flink teleurstelden (Dr. John) en onbekende artiesten aangenaam verrasten. In die laatste categorie was King Gizzard & The Lizard Wizard zonder twijfel de grote winnaar voor mij, een zevenkoppige Australische garageband met volop ruimte voor monsterlijke gitaarriffs, zinderende jams en een dwarsfluit.

King Gizzard And The Lizzard Wizzard - I'm In Your Mind FuzzGimmick of gift?

Hoewel het genre doorgaans gebaat is bij de compacte energie van drie of hooguit vier bandleden, lijkt een zevenkoppig ensemble nogal een recept voor gegarandeerde chaos. En hoewel die tijdens de show ook zeker wel ontstaat, houdt zanger/gitarist/dwarsfluittist Stu Mackenzie de touwtjes stevig in handen. Die dwarsfluit die nu al twee keer genoemd is, is trouwens meer een gimmick dan een écht waardevolle toevoeging en hetzelfde geldt voor de twee drummers die de band telt.

Maar zie de band een minuut op het podium staan en je vergeeft het ze onmiddellijk. Het plezier in het spelen en de tomeloze energie die vanaf de bühne met vloedgolven de zaal in dendert is nu eenmaal onweerstaanbaar. Dat de band niet zomaar iets doet blijkt ook wel uit de manier waarop hun laatste plaat I’m In Your Mind Fuzz opent. Die bestaat namelijk uit vier in elkaar overlopende nummers, waarvan ‘Cellophane’ het derde deel vormt.

Het is een trip in de hoogste versnelling, waarvan de spastische riffs van de drie gitaristen het hoofdbestanddeel vormen, al mogen de af en toe hysterische uitbarstingen van Mackenzie ook niet onderschat worden. Die hoge versnelling heeft trouwens niet alleen betrekking op de muziek, maar ook op het tempo waarmee de band platen uitbrengt: I’m In Your Mind Fuzz is de vijfde langspeler sinds de oprichting van King Gizzard & The Lizard Wizard in 2011.

King Gizzard And The Lizzard Wizzard

Serieus plezier

Met die kwantiteit gaat er onvermijdelijk ook wel iets van de kwaliteit verloren, zo gebiedt de eerlijkheid te zeggen. Zou de band een betere plaat hebben uitgebracht als ze hun releasetempo met de helft hadden teruggeschroefd? Misschien wel, maar als er iets van de muzikanten uitstraalt is het wel dat ze zichzelf niet al te serieus nemen en vooral lol willen hebben.

Als dat neerkomt op elk jaar een plaat uitbrengen en je zelf het schompes toeren moeten ze dat vooral blijven doen. Je hoort het overduidelijk terug in de muziek; een serieuzere plaat van King Gizzard zou ongetwijfeld ook een veel saaiere plaat zijn.

Tags: , , , , , , ,

nummer van 08/12/2014 door

‘Shambhala’ van PAUW

De venijnige sitar

PAUW – Shambhala

Het duurt maar dertig seconden voor je om bent. De aanzwellende, zweverige intro blaakt al van zelfvertrouwen, maar daarna kan er in theorie nog van alles misgaan. Op 0:20 vallen de drums echter in, iedere tel een rake klap op de snare. Je hoofd zwiept mee, op en neer, terwijl je tien volle seconden geduldig luistert tot de gitarist De Riff een keer helemaal voor je heeft gespeeld. Bij de laatste noten hoop je dat die riff nog heel vaak wordt herhaald. Dat gebeurt. Ademhalen. Je weet het nu. Dit is goed.

PAUWNet wanneer je je écht zorgen begint te maken over de staat van klassieke rock in Nederland, komt een band als PAUW het tegendeel bewijzen. Meest geboekte band op de Popronde. Single van de week bij 3voor12. Een uitnodiging bij De Wereld Draait Door, waarbij de studio volledig werd afgebroken.Voor dit laatste moest het zeven minuten durende psych-epos ‘Shambhala’ natuurlijk worden teruggebracht naar één, maar die ene minuut was gelukkig explosief genoeg om nieuwsgierig te maken naar de volledige studioversie.

Die studioversie van ‘Shambhala’ heeft veel meer te bieden dan alleen een monsterriff en de energie van een tsunami. De psychedelische bridge (4:00) zou wel uren mogen duren. De productie is helder genoeg om de meeste lagen te onderscheiden, maar laat tegelijk ook genoeg aan de verbeelding over. Als een lavalamp waarin je vormen probeert te herkennen, of een scène in een David Lynch-film waarbij je nét niet kunt zien of er nu wel of niet iets in die donkere hoek staat. In een wolk van reverb zweeft de stem van zanger Brian Pots door de muziek als een vage droom, zo ver weg en zo androgyn dat vergelijkingen met Bilinda Butcher (My Bloody Valentine) of Victoria Legrand (Beach House) zich eerder aan je opdringen dan het standaard rijtje rockzangers uit de jaren 70.

Maar het beste element in de productie van ‘Shambhala’ is onmiskenbaar de sitar. Die krult zich om elke noot, scherp en venijnig, klinkt eeuwenoud en futuristisch tegelijk. Het is die sitar die De Riff nog net iets aanstekelijker maakt, en het is die sitar waardoor de intro meteen al zo boeit.

Sitars in popmuziek

Veel mensen denken bij de sitar direct aan George Harrison, maar het waren The Yardbirds die met hun ‘Heart Full Of Soul’ als eerste popband een liedje met het Indiase instrument opnamen. Helaas voor de bandleden werd het nummer lang uitgesteld door de platenmaatschappij. Tegen de tijd dat de single uitkwam, was de sitar al lang geen bijzonder popinstrument meer. De groep zou nooit door het publiek worden erkend voor hun innovativiteit; een eer waar hun collega’s van de Beatles maar wat graag mee gingen strijken.

Yardbirds Heart Full of Soul YouTube

En dus werd het George Harrison die wereldberoemd werd als sitarrocker. Tijdens de opnamen van de film Help! trok het instrument zijn aandacht, maar het lukte hem aanvankelijk nauwelijks er een fatsoenlijke melodie uit te krijgen. Harrison ging in de leer bij Ravi Shankar en Shambhu Das, kreeg de sitar binnen een paar maanden onder de knie en gebruikte het voor het eerst in Beatles-klassieker ‘Norwegian Wood’.

George Harrison – sitar lesson with Ravi Shankar

Na ‘Norwegian Wood’ waren de sitars niet aan te slepen. The Rolling Stones in ‘Paint It Black’. The Monkees in ‘This Doesn’t Seem To Be My Day’. Zelfs Elvis Presley raakte gecharmeerd van de scherpe klanken die uit de vele snaren van het instrument kwamen; hij gebruikte de sitar in ‘Hi-Heel Sneakers’, ‘You’ll Think Of Me’, ‘Stranger In My Own Home Town’ en ‘Snowbird’, overigens allemaal covers van andere artiesten.

MI0003147250Je moet wat dieper graven voor bands die net als PAUW de sitar mengen met psychedelische rock. De compilatie Electric Psychedelic Sitar Headswirlers is daarbij een aardig startpunt, met maar liefst 97 (!) zweverige tracks verdeeld over vijf cd’s. Al zijn die nummers van wisselende kwaliteit, komen ze allemaal uit de late jaren 60 en vroege jaren 70, en zit er niet één beat tussen die zo tot onophoudelijk headbangen aanzet als het begin van ‘Shambhala’. Je kunt daarom ook mijn voorbeeld volgen: gewoon het nummer van de dag nog een keer aanzwengelen.

Tags: , , , , , , , , , , ,

-->